Reportage: de Rotterdamse incubator Dnamo

startup | 15 nov 2011 | Bas van Essen |

De haven is de vlaggendrager van de Rotterdamse economie. Maar de stad wil ook bekend staan als vrijplaats voor creatieve en innovatieve starters. Daar doet Dnamo zijn best voor.

Dit is deel tien uit een rondgang langs incubators in Nederland. In de slideshow onderaan bevinden zich portretten van bedrijven binnen Dnamo, plus een foto-impressie van de incubator.

Nu het Rotterdamse havengebied zich grotendeels richting de Maasvlakte heeft verplaatst, komen er steeds meer industriële complexen vrij waar nieuwe bedrijvigheid losbarst. Zo is dat sinds 2009 ook het geval op het terrein van de vroegere Rotterdamsche Droogdok Maatschappij, dat in de scheepsbouw actief was. Op het lap grond staat inmiddels de RDM Campus, waar onder het motto van 'Research, Design and Manufacturing' een locatie van de Hogeschool Rotterdam en vestigingen voor de creatieve en innovatieve industrie zijn gerealiseerd. Industriële designers en technostarters maken gebruik van de gigantische werkruimten waar ooit scheepsonderdelen gestald werden.

Op het campusterrein is sinds de verbouwing ook Dnamo gevestigd, een incubator voor innovatieve, duurzame startups. Beginnende bedrijven komen er, naast huisvesting, in aanmerking voor gunstige leningen, strategisch advies, lessen in het runnen van een duurzaam bedrijf, coaching en interessante netwerkpartners. Het selectieproces is streng: aankomende ondernemers moeten aantonen dat hun idee duurzaam, innovatief en economisch rendabel is. Onderscheidend aan Dnamo is dat ze ook een pre-incubator hebben. Mensen met een idee voor een duurzame onderneming worden gedurende 100 dagen begeleid in het schrijven van een gedegen businessplan. "Het idee voor de organisatie is oorspronkelijk tot stand gekomen door de TU Delft, de Hogeschool Rotterdam, het Mainport Innovation Fund en Enviu (zie ook Sproutfunding, red.)", vertelt Richard Klatten, sinds september interim-directeur bij de incubator.

Duurzame dynamo van R’dam

Tot aan 2013 is de incubator voorzien van een subsidiebedrag van een onbekend aantal tonnen euro's (geen miljoenen volgens Klatten). Daarna zal het wel weer geld moeten ophalen. Daar komt de rol van Klatten om de hoek: de mede-oprichter van het prestigieuze Amsterdamse advocatenbureau Kennedy Van der Laan heeft met zijn juridische knowhow, netwerk en kennis van ondernemen het potentieel om overheidsorganisaties te overtuigen en corporate partners te interesseren voor een nieuwe investering. "Ik hou me bezig met de strategische keuzes die deze incubator op de lange termijn moet maken. Daar ontbrak het aan tot aan augustus, toen ik hier aangesteld werd. Uiteindelijk bepaalt het bestuur de visie van Dnamo, maar ik inventariseer wel welke rol we over twee jaar kunnen spelen hier."

Waar denkt Klatten, die voorlopig voor een half jaar door Dnamo is aangesteld, dan aan? "Het zal niet op dezelfde schaal gebeuren als in Silicon Valley, maar Rotterdam kan wel leren van de tientallen kleinere klonen die zich over de wereld verspreid hebben. Dit havengebied trekt de grootste binnenlandse en buitenlandse ondernemingen, ook uit interessante landen als China, maar onder dat segment borrelt nog van alles. Kleinere ondernemingen houden zich bijvoorbeeld met de vraag bezig hoe energie duurzaam opgeslagen kan worden op de Maasvlakte. Daarin wordt direct de rol van Dnamo duidelijk. We moeten de spil in Rotterdam worden, als het gaat om energie-innovatie."

Gebrek aan visie

Probleem voor de gemeente Rotterdam en dus ook Dnamo, is dat de stad de komende jaren flink moet gaan bezuinigen op zijn innovatiebudget. Klatten: "Dat is inderdaad problematisch. Maar aan de andere kant is er wel een enorme behoefte in Rotterdam om een creatieve en innovatieve sector op te bouwen."

Wat volgens de Dnamo-directeur mee zou helpen, is als er een meer 'consistente lijn' en 'visie' te ontdekken zou zijn in het beleid dat achter deze behoefte schuil gaat. "Wat moet er nu precies gebeuren? Welke partijen gaan de kar trekken? Dan weet ik zeker dat Dnamo daar een rol in kan spelen. Of deze incubator op den duur dan ook winstgevend moet worden? Dat is een interessante vraag, maar ik zou het geen gek idee vinden als je deze locatie niet afrekent op de financiele resultaten, maar het aantal innovatieve startups dat het succesvol weet af te leveren."

1 van 4

Vrachtfiets

Onno Sminia en Louis Pierre Geerinckx zetten Nederland nog nadrukkelijker op de kaart als fietsenmakersland. De oud-studenten van de Technische Universiteit Delft willen met een elektrische vrachtfiets Nederland veroveren.

Je hoeft het Sminia niet te vertellen. 'Vrachtfiets' is momenteel nog niet een woord dat in de Dikke van Dale terug te vinden is. "Wij hebben een volledig nieuw vervoermiddel bedacht." Maar als hij en zijn partner zo doorgaan, dan wordt hun fiets mogelijk een begrip. De Delftse designers staan op het punt een succesvol bestaan als ondernemer op te bouwen, nu hun fiets aftrek vindt bij een serie kinderdagverblijven, de Delftste IkEA en de TNT. In 2012 hopen ze zo'n honderd vrachtfietsen te verkopen, waarvan de meesten een kostprijs boven de 5000 euro hebben.

Sminia en Geerinckx zijn al sinds 2006, toen ze nog student waren op de TU Delft, met de ontwikkeling van de fiets bezig. "We vonden het jammer dat weop straat geen fietsen zagen die goederen vervoeren, terwijl de fiets een van de meest milieuvriendelijke vervoermiddelen in de wereld is", reageert Sminia. "Je hebt als vervoerder bovendien geen last van files of boze mensen, die balen dat je auto in de weg staat. En je kunt in de binnenstad veel sneller van a naar b, terwijl ook steeds meer gemeenten de auto uit het centrum willen verbannen", aldus de ondernemer, die zich gesteund ziet door het feit dat 65 procent van alle ritten in Nederland korter is dan vijf kilometer en het gemiddelde vervoerde volume kleiner is dan een kubieke meter.

Modulair voor meerdere markten

De twee verlieten vorig jaar voor het eerst de prototypefase en kwamen de markt op met hun eerste type vrachtfiets, een tweezitter met een laadbak waarvan het dak los te trekken is. Inmiddels biedt het bedrijf, dat dezelfde naam draagt als het product, nog drie type andere vrachtfietsen aan: eentje speciaal bedoeld voor het vervoer van meerdere kinderen, een met een open laadbak, en een tweezitter met een transportbak die geschikt is voor het vervoeren van vrachten of een sightseeing tour."Langzaam komen we erachter dat er verschillende type toepassingen te maken zijn van de vrachtfiets", zegt Geerinckx. "Het is een evolutionair proces, dat vooral in gang wordt gezet door de feedback van bedrijven die belangstelling tonen en zich afvragen of wij niet een speciale fiets voor ze kunnen maken." Daaraan voegt de ondernemer toe dat hun bedrijf alle fietsen modulair opbouwt, zodat de afnemer kan wisselen tussen verschillende functionele ontwerpen.

Vanuit het kantoor van Dnamo en de werkruimte van de RDM Campus bouwt Vrachtfiets rustig verder aan zijn fiets en zijn netwerk aan leveranciers, distributeurs en afnemers. Niet alleen in Nederland. "Dit wordt gewoon een Hollands exportproduct", denkt Geerinckx, die graag naar New York wil met de fiets. "Ik was laatst op een conferentie in Brussel en toen kwam heel vaak New York ter sprake als voorbeeld van een stad die steeds meer fietspaden aanlegt. Intussen kunnen wij als Nederlandse bedrijf ons goede reputatie rond fietsen blijven benutten." Sminia voegt daar aan toe dat Vrachtfiets zich op de zakelijke markt zal blijven richten, al komt hun product via het verhuurmodel van sommige klanten uiteindelijk in handen van de consument.

 

reacties

(0)
reageer op dit artikel


U dient ingelogd zijn om te kunnen reageren

Login
X