Algemene voorwaarden en de annuleringsbepaling: dit kan er misgaan

Recht

Een van de valkuilen in je algemene voorwaarden kan het annuleringsbeding zijn. Sprout-expert Charlotte van Eeden legt uit waarom, aan de hand van een student die de stekker trok uit zijn opleiding bij een particuliere onderwijsinstelling.

Bij het sluiten van een overeenkomst met een consument zijn vaak algemene voorwaarden van toepassing. Voor algemene voorwaarden geldt dat deze niet ‘onredelijk bezwarend’ mogen zijn. Onredelijk bezwarende bedingen zijn bijvoorbeeld bepalingen die de aansprakelijkheid in consumentenovereenkomsten uitsluiten. 

Maar naast de vraag of een bepaling niet onredelijk bezwarend is, moet je óók rekening houden met de vraag of een bepaling – in de overeenkomst zelf of in de algemene voorwaarden – niet oneerlijk is (in de zin van de richtlijn betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, Richtlijn 93/13/EEG). Een annuleringsbeding kan worden gezien als een oneerlijk beding. 

Een oneerlijk beding is in ieder geval het annuleringsbeding waarbij de consument de gehele prijs verschuldigd is bij annuleren, terwijl de prestatie niet geleverd is en er nog geen substantiële kosten zijn gemaakt. 

De zaak: school vs. student

Onlangs heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over het annuleringsbeding. Wat speelde er?

Een student is met TIO, een particuliere onderwijsinstelling, een studieovereenkomst aangegaan. Op de studieovereenkomst zijn de algemene voorwaarden van TIO van toepassing.

In de algemene voorwaarden staat dat bij annulering vóór de startdatum van de opleiding de student evengoed het gehele cursusgeld moet betalen: een annuleringsbeding. Het artikel vermeldt verder dat tussentijdse beëindiging niet leidt, ongeacht de reden ervan, tot restitutie van het cursusgeld.

Aanvankelijk begon de student met de opleiding, maar moest na drie maanden helaas stoppen vanwege zijn psychische gesteldheid. De student vroeg aan TIO om een financiële oplossing voor het cursusgeld dat al betaald was (zo’n 95%). TIO gaf aan dit verzoek geen gehoor.

Hierna heeft een rechtszaak plaatsgevonden: TIO vorderde het resterende cursusgeld, de student terugbetaling van een deel van het cursusgeld.  

Wat vindt de rechter?

De Hoge Raad bevestigt het oordeel van de Kantonrechter en het Hof dat hier sprake is van een onredelijk bezwarend en daarmee oneerlijk annuleringsbeding. Het criterium hierbij is of het annuleringsbeding ten nadele van de consument een ’aanzienlijke verstoring van het evenwicht veroorzaakt‘. 

De studieovereenkomst is een overeenkomst van opdracht. Volgens de wet kan de opdrachtgever te allen tijde opzeggen.

Bij opzegging bepaalt de wet verder dat de opdrachtnemer recht heeft op een ‘redelijk loon’. Van deze bepalingen kan niet ten nadele van de consument worden afgeweken.

Nu TIO volgens de algemene voorwaarden bij opzegging in álle gevallen recht heeft op het volledige cursusgeld is er geen reële mogelijkheid tot opzegging. Dit leidt ertoe dat het annuleringsbeding in strijd is met de wettelijke bepalingen van de overeenkomst van opdracht. Het annuleringsbeding is derhalve op grond van de wet onredelijk bezwarend, en daarom oneerlijk in de zin van de Richtlijn. 

Het Hof bepaalt het redelijk loon van TIO op de tijd tussen het moment dat de cursus aanving en de opzegging, een periode van drie maanden. Dit bedrag mocht TIO houden, het resterende bedrag moest zij terugbetalen aan de student. 

Tips bij het opstellen van een annuleringsbeding

De kosten van TIO in deze zaak zijn veel hoger, nu zij ook de buitengerechtelijke kosten en de proceskosten moest betalen. 

Bij een eventuele  rechtszaak moet een rechter ambtshalve toetsen of een artikel in de overeenkomst of de algemene voorwaarden in overeenstemming is met de Richtlijn. Wil je voorkomen dat jij een onredelijk bezwarend en oneerlijk beding opstelt? Neem dan de volgende vier tips ter harte: 
•    het is niet toegestaan om in een overeenkomst met consumenten bij annulering van de overeenkomst van de consument 100% betaling te verlangen indien: 
             o    de prestatie nog niet is geleverd, of 
             o    niet in een redelijke verhouding staat tot de reeds  gemaakte kosten of reeds geleverde prestatie;
•    maak een inschatting van de hoogte van de kosten voor de prestatie die je aan de consument moet leveren en wanneer je deze kosten maakt;
•    maak ook een inschatting in hoeverre je de kosten nog kan vermijden als de consument annuleert;
•    stel het annuleringsbeding op met bovengenoemde inschattingen in je achterhoofd.

Charlotte van Eeden is jurist civiel recht en arbeidsrecht bij LegalMatters.com, een juridisch platform voor ondernemers. Charlotte adviseert bedrijven op het gebied van onder meer contractenrecht en arbeidsrecht en staat ondernemers bij in juridische geschillen.

Elke ochtend...

X
het belangrijkste ondernemernieuws in jouw mailbox? Gegarandeerd Sprout-stijl!