Het groeiverhaal van Ticketscript

De markt voor ticketverkoop eens goed door de war schoppen. Dat was de wens van Frans Jonker en Ruben van den Heuvel in 2006. Nu zijn ze Europees marktleider op het gebied van self-service e-ticketing en verwachten dit jaar zo’n vijf miljoen tickets te verkopen.

Het verhaal van Ticketscript begint op een feestje in 2005. Jonker raakt aan de praat met Ruben van den Heuvel, die hij kende van vroeger. “Ruben vertelde over zijn werk als programmeur en over zijn grote hobby: technomuziek. Die twee dingen had hij verenigd in Beatfreax, een website voor technoliefhebbers met 30.000 leden.”

Frans Jonker (35) en Ruben van den Heuvel (34)
Wat: self-service e-ticketing
Start: 2006
Personeel: 60
Omzet: jaarlijks 70 miljoen aan totale kaartverkoop 
www.ticketscript.com

Marketingman Jonker voelde direct dat met deze site geld verdiend kon worden. Hij dacht eerst aan banners, maar toen uit een tevredenheidsonderzoek bleek hoeveel klachten er waren over de verkoop van tickets voor dancefeesten, zag hij een gat in de markt. “De boekingsfee was erg hoog, op een kaartje van vijftien euro kwamen rustig nog zeven euro verkoopkosten. Ook werden de tickets per post verstuurd, belachelijk ouderwets.”

Jonker en Van den Heuvel brainstormden over e-ticketing en ontwikkelden een e-mail met daarin een code die diende als toegangsbewijs. Ze rekenden een veel lagere fee: 1,50 per ticket. Bezoekers en organisatoren van dancefeesten reageerden enthousiast, Jonker en Van den Heuvel besloten het concept verder te ontwikkelen tot een ticket met een barcode.

Internationaal

Dankzij het grote netwerk dat voortkwam uit Beatfreax, verliep het contact met organisatoren van dancefeesten eigenlijk vanzelf. Toch stelden Jonker en Van den Heuvel een traditioneel verkoopteam samen om het concept snel groter te maken. “We zijn ook al snel gaan kijken of we tickets konden gaan verkopen voor andere sectoren, zoals beurzen en sportevenementen.”

Dit artikel komt uit Sprout Magazine.

Abonnement?

Toen het ook daar aansloeg, zetten de ondernemers nog een extra stap: ze bouwden een (gratis) tool waarmee evenementenorganisatoren de ticketverkoop zelf konden organiseren. “Bij het bouwen hiervan hielden we voor ogen dat het geschikt moest zijn voor internationaal gebruik, we wilden de grenzen over. Er moesten dus makkelijk extra talen en andere munteenheden aan toegevoegd kunnen worden.” 

De internationale uitbreiding begon in 2009 in Duitsland waar Van den Heuvel veel contacten had via de dancewereld. De markt bleek daar wel wat conservatiever dan vooraf ingeschat. “Een plek veroveren bleek een uitdaging, de grote gevestigde namen in de ticketwereld versloegen we niet zomaar.” Het was een les voor de stap naar Engeland die Ticketscript kort daarna maakte. “Toen we de kans kregen om daar een lokale speler over te nemen, aarzelden we geen moment. Een overname zorgt voor een betere uitgangspositie.”

Knelpunten

Jonker en Van den Heuvel kwamen bij hun internationale groeiambities de klassieke knelpunten tegen, vooral op cultureel gebied. “In elk land hebben klanten andere wensen en verloopt de communicatie anders. In Nederland zijn de omgangsvormen bijvoorbeeld vrij makkelijk, mensen zeggen wat ze vinden en zijn vergevingsgezind ingesteld. Duitsers en Engelsen zijn veeleisender en minder direct. Als je mensen aanneemt, kun je minder afgaan op je intuïtie.” 

De techniek die in Nederland prima voldeed, bleek in het buitenland soms niet voldoende. “Bij bepaalde evenementen werden we verrast door de grote populariteit en waren een paar stappen extra nodig om de hoeveelheid data te kunnen verwerken. Wat dat betreft was het echt learning on the job. We moesten zelf meegroeien, vooraf konden we niet goed inschatten welke knelpunten we onderweg tegen zouden komen.”

Terugkijkend hebben Jonker en Van den Heuvel de ticketwereld inderdaad op z’n kop gezet. “De slogan: ‘tickets zijn verkrijgbaar bij de bekende voorverkoopadressen’ werd toen wij begonnen in 2006 nog veel gebruikt. Nu hoor je die nooit meer, de voorverkoopadressen zijn bijna verdwenen.”