‘In Los Angeles moet je pitch extra sterk zijn’

Holland in the Valley: Olivier Koelemij (episode 8)

Olivier Koelemij stampte in Los Angeles een succesvol kantoor voor marketingbedrijf MediaMonks uit de grond. De Nederlander integreerde gemakkelijk in het drukke Amerikaanse leven, maar merkt ook cultuurverschillen op. ‘Hier heerst een always on-mentaliteit.’

Vanaf een ruim dakterras kijkt Koelemij uit over de drukke Abbot Kinney Boulevard, een van de meest hippe straten in de buurt Venice Beach te Los Angeles. Wie 5 minuten over de straat tuurt, ziet altijd wel een beroemdheid voorbij komen, verzekert de nieuwe baas van het Californische kantoor van MediaMonks ons.

De dertiger werd er afgelopen jaar directeur, als beloning voor zijn jarenlange inzet voor het creatieve marketingbedrijf. Al in 2014 maakte hij de oversteek naar Los Angeles, om daar een kantoor met 28 man met acht nationaliteiten van de grond te krijgen, waar dit florissante dakterras onderdeel van uitmaakt. Na een korte carrière als ondernemer, ging Koelemij in 2012 aan de slag voor MediaMonks. Hij begon als business developer en werkte zich behendig op.

S. Spielberg

Koelemij bivakkeerde eerder al eens zo’n negen maanden voor MediaMonks in New York. Toen hij terugkwam naar het hoofdkantoor in Hilversum, bleek dat MediaMonks een kantoor in Los Angeles op wilde zetten. “And here we are”, lacht Koelemij. Hij heeft zijn blonde haar in een hippe, strakke scheiding gekamd en loopt rond in een stijlvolle zwarte blouse en dito skinny jeans; alsof hij een van de lokale filmsterren is, waar Los Angeles om bekendstaat. Koelemij neemt plaats op een stoel waar ze voor de grap ‘S. Spielberg’ op hebben laten drukken.

Op een tafel aan de zijkant van het dakterras staat een veelvoud aan toastjes, brie en nootjes te bakken in de warme decemberzon. Ook in de winterperiode is het hier in Los Angeles warmer dan 20 graden. Even verderop ligt het strand, waar surfers dan ook 365 dagen per jaar de dienst uitmaken.

Gentrificatie

Een paradijs op aarde, zou je zeggen. Toch heeft Los Angeles ook een keerzijde. Koelemij wijst naar enkele minder florissant ogende woningen rechts van zijn kantoor, met oude, krakkemikkige dakplaten. Ze zijn van Amerikanen die al jaren in deze omgeving wonen. Deze bewoners zien hun buurt snel veranderen door toenemende gentrificatie. Aanvankelijk had dat voornamelijk voordelen; de buurt is van criminele no-go area getransformeerd tot mooie, hippe wijk waar je geregeld bekendheden over de straten ziet paraderen.

Met het succes dienen echter ook de nadelen zich op. Probeer maar eens een nieuw appartement te vinden, met huren die rond de 5.000 dollar per maand liggen. Velen lukt dit niet en Los Angeles telt mede daardoor naar schatting een kleine zestigduizend dak- en thuislozen. Bovendien lijkt Venice Beach langzamerhand te veranderen in Crowded Beach; het kost Sprout bijna een half uur om een parkeerplek te vinden.

Silicon Beach

Tech stroomt vanuit Silicon Valley naar Silicon Beach

Koelemij ziet het allemaal met eigen ogen gebeuren als hij vanaf zijn kantoor over de metropool uitkijkt. Vanuit dit rustpunt in de immer veranderende stad werkt de Nederlander aan zijn missie: MediaMonks groot maken aan de Amerikaanse westkust. Koelemij koos voor Los Angeles in plaats van Silicon Valley vanwege de drie industrieën die hij in deze stad ziet samenkomen; entertainment dankzij de florerende filmindustrie, reclame en technologie, die Koelemij vanuit de Valley door ziet stromen naar Los Angeles - door hem ook wel “Silicon Beach” genoemd.

Koelemij en zijn team realiseren moderne, interactieve reclame-uitingen voor grote bedrijven als KFC, Uber en Google. Ook werkten ze aan een video voor de rockband Real Estate. De jonge topman nam bovendien branchegenoot Stopp over en investeert tegenwoordig in zowel virtual als augmented reality. De industrie ontwikkelt zich pijlsnel en je zou maar eens een trend missen, beredeneert de jonge zakenman.

De directeur stel dan ook hoge eisen voor zijn bureau; hun werk moet altijd “een beetje beter” zijn dan wat er al op de markt is. Zelf staat hij dikwijls vroeg op om nog even contact te kunnen hebben met het Hilversumse hoofdkantoor, waar het 9 uur later is. In de drukke begindagen haalde Koelemij zelfs geregeld een nacht door, wat hij gekscherend de “old-skool producer trick” noemt.


Met zijn team realiseert Koelemij reclame-uitingen voor grote bedrijven als KFC, Uber en Google.

Amerikaanse zakencultuur

Binnen een minuut krijg je hier antwoord op een mailtje

Wat valt hem als Nederlander op aan de Amerikaanse zakencultuur? Koelemij legt uit dat de Amerikanen uitblinken in wat hij de “always on-mentaliteit” noemt. “Als je iets gedaan moet krijgen, kun je een berichtje of mail sturen en je krijgt nog dezelfde minuut een antwoord. Het maakt niet uit of het maandagochtend 9 uur is of zondagmiddag 3 uur. De always on-mentaliteit is sterk en daarom gaan dingen hier altijd door. Nederlanders daarentegen zijn over het algemeen uiterst efficiënt. Je kunt het de 9 to 5-mentaliteit noemen, maar ik noem het efficiëntie. Als je al je werk af kunt krijgen in 8 uur in plaats van 16 uur, is dat denk ik een erg slimme manier van met je tijd omgaan.”

Ondernemerstips
Voor deze reeks werkt Sprout samen met het Nederlandse Consulaat in San Francisco. Overweeg je als Nederlandse ondernemer naar Silicon Valley te gaan, lees dan hier meer over de do’s en don’ts.

Koelemij integreerde zonder veel moeite in de Amerikaanse cultuur. Hij denkt dat het te maken heeft met de in zijn ogen grote overeenkomsten tussen de Nederlandse en Amerikaanse cultuur. “We kijken dezelfde films, we houden van hetzelfde eten en er is dus veel overlap tussen de twee culturen”, stelt hij. Toch ziet Koelemij ook een belangrijk cultuurverschil: “De Amerikanen zijn veel beter in het verkopen van dingen dan de Nederlanders. Ik denk dat dat hier diepgeworteld ligt in de competitieve natuur. Ik zou Nederlandse ondernemers die hierheen gaan dan ook adviseren om extra te werken aan hun pitch, want je loopt waarschijnlijk al een paar stappen achter.”

Dan zit het gesprek erop en het is tijd om afscheid te nemen. Doordat de airco in deze regio vrijwel overal aanstaat, is ondergetekende - als typische Nederlander - geveld door een verkoudheid. Koelemij merkt het op, zegt dat we even moeten wachten en komt al snel aangestormd met een handvol zakjes met vitamine-extracten. Even met water mengen en opdrinken en je voelt je zo weer goed, raadt hij aan. De zakjes zitten volgestouwd met zoveel suikers dat je er een tray energydrank mee zou kunnen vullen; een typisch Amerikaanse ‘delicatesse’. “Die heb je niet in Nederland”, lacht Koelemij. Toch, het moet gezegd: de verkoudheid is snel voorbij.

Als we de even later de Abbot Kinney Boulevard aflopen op weg naar onze auto, zien we Koelemij alweer druk bellend over zijn dakterras ijsberen. Nederlander of niet, je moet toch inspelen op die “always on-mentaliteit” van de Amerikanen.

Jelmer Luimstra is online redacteur voor Sprout, en schrijft over vernieuwende scaleups en startups.