Zo word je een B Corp (4 Nederlandse ondernemers delen hun lessen)

B Corp

Bijna 2.500 bedrijven mogen zichzelf B Corporation noemen, het keurmerk voor ondernemers die naast winst en aandeelhouders ook mens, milieu en maatschappij als uitgangspunt nemen. Wil jij ook in die selecte groep? Nederlandse ondernemers vertellen hoe je door de selectie komt.

Wat is de overeenkomst tussen Fairphone, Yoni, Kickstarter, Hootsuite en Ben & Jerry’s? Ze maken allemaal deel uit van een groep van bijna 2.500 bedrijven - waaronder zeventig Nederlandse - die genoeg punten scoorden om het keurmerk B Corporation te mogen dragen. Vergelijk het met een fair trade-label voor koffie of het Eko-keurmerk voor biologische producten, maar dan voor bedrijven. B Corp-bedrijven onderscheiden zich op sociaal- en milieugebied, en zijn daarin transparant. In goed Nederlands: Business as a force for good.

B Corp-ondernemers hebben meerdere redenen om tijd en geld te investeren in een toch wel pittige goedkeuringsprocedure, die soms een paar maanden in beslag kan nemen. Sommigen willen deel uitmaken van een wereldwijde beweging of willen zich onderscheiden van (en benchmarken aan) de concurrentie. Anderen zien het certificaat als hulpmiddel bij het vinden van passende investeerders, of hopen dat B Corp bijdraagt aan het invoeren van nieuwe wetten en regels.

Oprichters

B Corp is er niet alleen voor ondernemers, het werd ook door ondernemers bedacht. Jay Coen Gilbert en Bart Houlahan bouwden met AND1 een basketbalschoenen-imperium (met op het hoogtepunt 250 miljoen omzet). Nadat zij dat bedrijf verkochten, zagen zij het sociale karakter van het bedrijf langzaam maar zeker afbrokkelen. De ondernemers wilden daarom iets neerzetten met een blijvende sociale impact.

Andrew Kassoy, Jay Coen Gilbert, Bart Houlahan
B Corp-oprichters Andrew Kassoy, Jay Coen Gilbert, Bart Houlahan.

Samen met vriend en private equity-investeerder Andrew Kassoy werd eerst een sociaal investeringsfonds overwogen. De potentiële impact leek hen echter toch te mager. Na gesprekken met honderden ondernemers en investeerders viel het kwartje: veel bedrijven riepen weliswaar dat ze ‘goede’ dingen deden, maar volgens welke maatstaf? Hoe onderscheid je je als bedrijf in zo’n zee van goede bedoelingen, of soms: greenwashing?

Assessment

Op basis van die feedback begonnen Coen Gilbert, Houlahan en Kassoy te werken aan wat uitgroeide tot het B Impact Assessment, een manier om de duurzame en sociale impact van een bedrijf te meten. Als ingrediënten gebruikten de ondernemers daarbij onder meer de uitgangspunten uit de boeken van Mal Warwick (Social Venture Network) en de mkb-versie van Global Reporting Initiative, een organisatie die richtlijnen voor duurzaamheidsverslaggeving opstelt. Ongeveer een jaar later, in 2007, stapten de eerste negentien ondernemers op het podium om hun certificaat in ontvangst te nemen.

Naast de wereldwijd momenteel 2.500 B Corp-bedrijven is er een nog groter aantal, naar schatting 60.000, dat de B Impact Assessment gebruikt om hun eigen sociale en duurzame impact te meten en vergroten. Dat dat kan ook recruitment-voordelen opleveren. Vooral jongere werknemers zoeken een bedrijf dat niet alleen winst wil maken, maar ook een groter doel nastreeft.

B Lab, de organisatie achter B Corp, ging 3 jaar geleden officieel van start in Europa, dat toen al een paar B Corps telde, waaronder in Nederland investeerder Pymwymic, Dopper en WakaWaka. De Nederlandse Hubertine Roessingh kreeg de leiding over de Europese uitrol. Zij spreekt de nog altijd actieve oprichters Coen Gilbert en Houlahan regelmatig.

Benchmarken

Een aanmelding als B Corp start met een (gratis) online assessment, waarbij je minimaal tachtig van de tweehonderd punten moet halen. “Naast het meten van je impact op mens, milieu en maatschappij is dat ook echt een management-tool”, zegt Roessingh. “Bedrijven kunnen het gebruiken als richtlijn bij impactvol ondernemen en sociale innovatie. Het is ook een benchmarking tool, waarmee je kan zien hoe je scoort ten opzichte van andere bedrijven in jouw sector.”

Filantropen
B Lab, de organisatie achter B Corp, draait op miljoenen aan filantropisch kapitaal, met als grootste geldschieters verzekeraar Prudential en The Rockefeller Foundation. Een Nederlandse geldschieter is stichting Benevolenta, opgericht door ondernemers uit de familie Brenninkmeijer.

De assessment zoomt eerst in op de sector, je bedrijfsomvang en het land. Op basis daarvan kom je terecht in een set met specifieke vragen. Het onderzoek heeft een “holistische benadering”, zegt Roessingh. “Het gaat niet alleen om je product of service-level, maar: hoe doe je het als bedrijf daarachter? Hoe transparant en accountable ben je? Hoe ga je met je medewerkers om?” Het onderzoek richt zich op vijf pijlers: community, governance, medewerkers, milieu en klanten.

Tijd

De tijd die het kost om de assessment in te vullen, varieert van 4 weken tot 6 maanden. Als relatief klein bedrijf, met pak ‘m beet vijf of tien medewerkers, heb je zowel een voor- als een nadeel. Roessingh vertelt over de twee jonge Nederlandse ondernemers achter Farm Brothers, een biologische koekjesmaker die inmiddels in de Albert Heijn, Wholefoods UK en andere Europese supermarkten ligt. “Die zijn binnen een maand gecertificeerd, ook omdat ze het logo wilden meenemen op hun verpakkingen. Als oprichters hebben zijn eigenlijk alle antwoorden voor de vragen in de assessment in hun hoofd. Het hoeft het niet eerst via allerlei afdelingen te gaan, zoals bij grotere bedrijven het geval is.”

“Tegelijk zien we dat startups tegen andere problemen aanlopen. Ze hebben hun bedrijf aan de voorkant goed geregeld, maar aan de achterkant is de organisatie misschien nog niet altijd strak opgelijnd.” B Corp vraagt de nodige documentatie, waaronder een handboek voor medewerkers, waaruit blijkt “dat je wat je zegt ook daadwerkelijk doet. Roessingh: “Kleinere partijen hebben dat allemaal in hun hoofd. Maar die documentatiecheck is belangrijk, want wij hanteren als internationale organisatie voor alle B Corps dezelfde criteria.”

Na het behalen van de minimaal vereiste tachtig punten, belandt de assessment bij een team van dertig analisten. Een daarvan nodigt jou als ondernemer vervolgens uit voor een gesprek van 2 uur, om alle antwoorden duidelijk te krijgen. Soms gaat de puntenscore daarbij omhoog, en soms juist omlaag.

Statuut

Tot slot wordt ondernemers gevraagd om binnen een jaar hun statuut aan te vullen, zodat ook daaruit blijkt dat het bedrijf oog heeft voor de kernthema’s mens, milieu en maatschappij. “Gangbaar is een shareholdermaximalisatie, wij vragen een stakeholderbenadering”, zegt Roessingh. “Zo zorgen we ervoor dat het meer is dan een simpele check-in-de-box-exercitie en dragen we bij aan een wereldwijde systeemverandering. We vragen bedrijven echt na te denken over hun DNA, en daar waar nodig met aandeelhouders in overleg te gaan.”

Niet te verwarren met: Benefit corporation
Onder meer Patagonia en Kickstarter hebben inmiddels de formeel-juridische status van ‘public benefit corporation’, een soort kruising tussen een stichting en een bedrijf. Deze bedrijfsvorm bestaat in Nederland nog niet, maar onder meer branchevereniging Social Enterprise NL probeert dat wel voor elkaar te krijgen.

Voor veel bedrijven is zo’n aanpassing van hun statuut vanzelfsprekend, maar sommige grote bedrijven struikelen hierover. Zij durven deze stap niet te zetten. “Er zijn genoeg bedrijven die niet door de assessment komen.” Bedrijven die door de assessment komen, betalen B Corp een jaarlijkse fee, op basis van hun omzet, bedragen die variëren van 500 tot 50.000 euro per jaar voor de grootste bedrijven.

De ondernemer: Dopper

Een van de eerste Nederlandse bedrijven die en B Corp-label bemachtigde, was duurzame flessenmaker Dopper, dat met een score van 132 punten in de Nederlandse B Corp-top 3 prijkt. Het bedrijf van Merijn Everaarts had destijds een vestiging in San Francisco, en deelde een kantoor met Cradle to Cradle, een certificeringstool voor producten.

“Toen ik hun uitlegde wat wij deden, zeiden zij meteen: ‘O, dus je bent een social enterprise’ en raadden mij B Corp aan”, vertelt Everaarts. Voor de ondernemer is het label een manier om de buitenwereld te laten zien dat zijn bedrijf onderdeel is van een nieuwe beweging. “Je kunt wel zeggen dat je sociale doelen stelt, maar hoe bewijs je dat?”

“De moeite die het kostte, viel me toen wat tegen, maar achteraf ben ik er blij mee. Je bent ongeveer een half jaar bezig met twee mensen die er ongeveer een halve dag per week aan besteden. Let wel: je hebt ook de rest van je team en supply chain nodig.”

De directie van een bedrijf moet nauw betrokken zijn, zegt Everaarts. “Het project moet door hun getrokken worden, want het is een spiegel die je elke afdeling voorhoudt en die je daar moet laten gelden. Anders zijn ze bijvoorbeeld bij marketing wel B Corp, en bij sales niet.”

Everaarts zou praktisch iedere ondernemer aanraden om ieder geval de verkorte assessment te doen, waarbij maar zo’n 10 procent van de vragen hoeft te worden beantwoord. “Dat geeft je een goed beeld van waar er nog werk aan de winkel is. Zeker als je wat kleiner bent, kost zo’n project tijd en geld.”

OnePlanetCrowd

Crowdfundingplatform OnePlanetCrowd werd twee jaar geleden B Corp. We zagen in de markt nog niet echt een goed onafhankelijk keurmerk voor maatschappelijke ondernemingen”, zegt mede-oprichter Maarten de Jong. “B Corp was dat wel: een onafhankelijke partij die zegt, jullie zijn een maatschappelijk bedrijf.” Het B Corp-netwerk is ook belangrijk. zegt De Jong. “Bijna alle bedrijven die B Corp zijn, komen in aanmerking voor financiering via Oneplanetcrowd.”

“Het was wel even een klus die wat tijd kost, maar het is het zeker waard. Het is een soort self assessment, waarbij je een heleboel vragen beantwoordt over je interne processen, je beleid ten aanzien van klanten, medewerkers en milieu en de keuzes die je maakt bij de inkoop. Waar haal ik eigenlijk mijn spullen vandaan? Hoe ga ik met mijn personeel om? Het mooie is dat het daarmee een soort van realiteitscheck is. Je staat stil bij wat je doet en wat ze bij B Corp belangrijk vinden. Zo kun je je eigen bedrijf verrijken en verbeteren en het motiveert om hoger te komen op die schaal.”

OnePlanetCrowd (85 B Corp-punten) stelde een stagiair aan om alle benodigde informatie op te halen binnen het bedrijf, oftewel gesprekken voeren en documenten naar boven halen. De lastigere vragen werden wekelijks in het managementoverleg besproken. De Jong schat dat het assessment zijn stagiair ongeveer 80 uur heeft gekost, het managementteam ongeveer 2 dagen.  Na het gesprek met de B Corp-analist kreeg OnePlanetCrowd na ongeveer een maand bericht, en een verklaring die De Jong moest ondertekenen. Binnenkort moet OnePlanetCrowd weer opnieuw gekeurd worden. B Corp heeft in Nederland nog veel groeipotentie, denk De Jong: “Het aantal B Corps kan nog minimaal keer 100.”

Grachtenplastic

Aanmelden voor een B Corp is voor een kleiner bedrijf “een hele kluif”, denkt Sarah de Beurs, die het B Corp-project runde bij Plastic Whale (113 punten), een bedrijf dat boten en meubels maakt van grachtenplastic. Geluk bij een ongeluk: De Beurs werkte eerder als duurzaamheidsmanager bij een grote supermarktketen en kende het jargon daardoor al.

“We vinden het heel belangrijk om onze impact te kwantificeren en om aan te tonen dat we er volgens een bepaald stramien aan voldoen”, zegt De Beurs. “Er zijn niet veel manieren om je op dat gebied te onderscheiden. Tegelijk helpt het om in structuren te denken, met handvaten en standaarden die internationaal zijn getoetst. Een van de dingen die we beter hebben gestructureerd, is dat je aan moet kunnen tonen hoeveel tijd of geld je doneert aan een goed doel. Wij hebben een stichting, maar we hielden de tijd die we daar in staken niet bij. Nu hebben we dat wel inzichtelijk.”

B Corp goes Amsterdam
Van 19 tot en met 21 juni strijkt de internationale B Corp-community neer in Amsterdam, voor het jaarlijkse B Corp Summit. Een van de sprekers is Kate Raworth, die Sprout onlangs sprak naar aanleiding van haar boek Doughnut Economics.

“Het zou wel kunnen helpen als je iemand aanneemt die daarbij helpt. Het kan een te grote kluif zijn binnen je team. Denk niet: ik doe het even.” Alles bij elkaar spendeerde Plastic Whale zo’n twee weken aan het aanmeldingsproces. Met net als Farmer Brothers Cookies een strakke deadline: de presentatie van een eerste serie meubels. Nu de B Corp-buit eenmaal binnen is, verwacht het bedrijf ook veel uit het netwerk te halen “met heel veel inspirerende bedrijven over de hele wereld”.

Accountant

Tussen de Nederlandse B Corps zitten ook dienstverleners, waaronder Manifesto (82 punten), samen met Alfa Accountants (102 punten); een van de twee accountants in de lijst (ook advocatenkantoor BvdV staat ertussen). Manifesto-oprichter Erik Friedeberg viel voor B Corp vanwege de “integrale benadering van hoe je omgaat met mensen en duurzaamheid”.

“Het merkwaardige is dat dit in de accountancy tot nu toe niet gewoon is. Terwijl je juist als accountant ervoor zorgt dat je ondernemers verder helpt en voor hen als vertrouwenspersoon fungeert. Wanneer je waardevoller wordt in de samenleving, verhoog je niet alleen je sociale waarde maar ook je financiële continuïteit.” Wat Manifesto overigens B Corp-punten kostte, was het feit dat de verhuurder van de kantoorruimte van coöperatie een aantal gegevens niet wilde delen.

Verwantschap

Al met al noemt Friedeberg het aanmeldingsproces “best wel pittig”. “Omdat ze je dwingen om echt goed na te denken over hoe je dat vastlegt in je bedrijf.” Manifesto bemachtigde zijn B Corp-status afgelopen februari, nadat het een half jaar aan de procedure had gespendeerd, een investering waar Friedeberg vooralsnog geen spijt van heeft.

“Wij horen gevoelsmatig bij die bedrijven en voelen verwantschap met de andere ondernemers. Daarnaast vind je elkaar makkelijker, en kun je met elkaar voor impact zorgen. Alleen dat is het al waard.”

Redacteur Sprout (online). Email: maarten@sprout.nl

Elke ochtend...

X
het belangrijkste ondernemernieuws in jouw mailbox? Gegarandeerd Sprout-stijl!