Mathijs de Wit (Newion): 'Ik investeer niet in lifestyle entrepreneurs'

Mathijs de Wit, Newion

Durven banken je businessplan niet aan, dan is durfkapitaal een optie. Maar wie zijn die investeerders die met miljoenen smijten? En hoe kun je ze het beste benaderen? Sprout licht er wekelijks een uit. Vandaag Mathijs de Wit, partner bij Newion.

Newion investeert in early stage (b2b)software en SaaS-bedrijven tot ongeveer 30 werknemers en 3 miljoen euro omzet. Geldbedragen variëren tussen de 500.000 euro en 5 miljoen euro per investering. In totaal heeft Newion 200 miljoen euro in beheer, inclusief een nieuw fonds van 75 miljoen euro dat binnenkort live gaat. Ook bij dat nieuwe fonds is Mathijs de Wit betrokken, als partner.

Hoe ben je investeerder geworden?

“Na mijn studie Werktuigbouwkunde wilde ik ondernemer worden, op basis van mijn afstudeerproject. Het ging om een simulator waarmee chirurgen operaties konden oefenen. Nu is dat redelijk gangbaar, maar destijds was het nog te vroeg. En ik kwam er achter dat ik het interessanter vond om iets van 1 naar 5 te brengen, dan van 0 naar 1. Ik kwam Patrick Polak tegen, die Newion in 2000 had opgezet. Hij bood mij een functie aan als analist.”

Wat vind je leukste - en minst leuke - aan dit vak?

"Het leukste is om als sparringpartner van bedrijven analytisch te kunnen nadenken over de business, iets waar ondernemers gemiddeld minder goed in zijn. Die zijn zijn juist hands-on, operationeel bezig. Bij early stage-bedrijven is analytisch naar een business kijken belangrijker dan kijken naar de financiën. Urenlang staren naar Excelsheets vind ik het minst leuke onderdeel.”

Wat was je grootste succes tot nu toe?

“Het grootste succes is dat we partijen zoals Collibra, iWelcome, The Next Ad en Instant Magazine hebben geholpen van thought leadership en product leadership naar market leadership. Als je marktleider bent, heb je strategisch het meeste waarde.”

"Daarnaast zorgt de erkenning die wij als marktleidende vc-partij krijgen er uiteindelijk voor dat wij nog betere rendementen kunnen behalen, doordat meer bedrijven merken hoe belangrijk een partij is die analytisch kijkt.”

En de grootste misser?

“Ik noem geen namen, maar ik heb mensen wel eens verkeerd ingeschat. Toen kreeg emotie de bovenhand boven ratio en werden beslissingen genomen die niet uit te leggen waren. Daardoor ging een bedrijf met veel potentie niet naar de top. Maar dit is ook onderdeel van het vak.”

Wanneer moet ik als ondernemer wel, en wanneer vooral niet bij jullie aankloppen? Waar let je op bij een investering?

“Je moet de ambitie hebben om marktleider te worden in een bepaalde niche. Daarna is het vooral een kwestie van een relatie opbouwen. Want als je geld nodig hebt wil ik geen momentopname zien, maar een film met gebeurtenissen over medewerkers, klanten, partners, technologische ontwikkelingen en mijlpalen die je hebt gehaald. Zorg er daarom voor dat je zo vroeg mogelijk aanklopt, vertrekt en telkens weer terugkeert om te laten zien hoe goed je het doet.”

“De kans dat ik zaken met je ga doen en we 3 maanden later een deal hebben, is niet zo groot. Uiteindelijk is het een relatie, waarbij je op een bepaald punt besluit om te gaan investeren.”

Wat ook voorkomt, zegt De Wit: ondernemers die het juist vooral doen om de relatie. “Je moet wel begrijpen dat we uiteindelijk willen investeren. Als je eigenlijk stiekem een lifestyle entrepreneur bent, dan doen we dat niet. Dan doe je het meer met toewijding aan een bepaalde lifestyle dan dat je streeft naar rendement en wil zorgen dat je je bedrijf naar marktleiderschap tilt.”

Waarom zouden ondernemers met jou in zee moeten gaan?

“Veel andere fondsen zijn hands-on, of operationeel betrokken en iedereen neemt een netwerk mee, en dat is allemaal oké. Maar wat je het beste kunt doen is van een afstand kijken of je strategisch iets kunt toevoegen, door analytisch te kijken. Ik denk niet dat een ondernemer behoefte heeft aan een investeerder die ook hands-on is en operationeel meewerkt.”

Wat verandert er in een bedrijf op het moment dat jullie instappen?

“Een bedrijf gaat naar een volgend niveau qua professionaliteit. Daarnaast worden er strategisch gezien veel betere prioriteiten gesteld. Wij fungeren daarbij als spiegel. Dan wordt bijvoorbeeld duidelijk of je je product moet uitbreiden, of dat je beter je eerste internationale klanten binnen moet zien te halen. Wat is er strategisch meer waard?”

Als je nu iets kon veranderen aan de manier van investeren in Nederland, wat zou dat zijn?

“Het niveau moet omhoog. Er is verschrikkelijk veel kapitaal, dus ik heb liever dat de mensen erachter beter worden. Dat probeer ik onder meer te doen als medeoprichter van Veecee, een netwerk van relatief jonge investeerders. Het doel van Veecee is drieledig: een netwerk en co-investeren aanmoedigen en kennis delen door onder meer te bloggen. Daarnaast willen we met Veecee het niveau van een junior in een vc-organisatie naar een hoger niveau tillen, met masterclasses over zaken als due dilligence en term sheets.”

“Organisaties zoals Startupdelta willen een beter ecosysteem, wij brengen het in de praktijk. We begonnen met een bijeenkomst van 40 mensen, nu brengen we vier keer per jaar 150 mensen op de been en zijn we een afdeling gestart in Londen, met een team van 6 mensen.”

Wat doen Nederlandse ondernemers goed, wat kan beter?

“In de afgelopen jaren is de manier van communiceren over je business significant beter geworden. Met veel betere pitchdecks en pitches. Daarmee is er een veel betere aansluiting op wat een investeerder wil lezen en kan verwachten.”

“Dit komt onder andere door de opkomst van accelerators, steun vanuit de overheid en de beschikbaarheid van veel kapitaal. En door het maffia-effect: ex-werknemers van succesvolle bedrijven zoals WeTransfer, Albumprinter, Hyves, Catawiki en Booking die zelf nieuwe bedrijven starten.”

Wat is het gekste dat je ooit hebt meegemaakt als investeerder?

“Een ondernemer die, nadat hij zijn termsheet onder ogen kreeg, zijn sleutels op tafel flikkerde en zei: 'Als ik dit onderteken, dan lever ik de sleutels van mijn bedrijf in'. Die wist duidelijk niet wat venture capital is.”

“Ik maakte ook mee dat een ondernemer tijdens een board deck (maandelijks overleg, red.) zei dat hij een compleet andere richting in wilde slaan met zijn bedrijf. Eerst verkocht hij bij wijze van spreken lampen, en vervolgens zeepsop. Ik kan je vertellen, daarvan raak je als vc behoorlijk in de war.”

“Als je niet weet wat venture capital inhoudt, dan kan het als iets heel engs voelen. Maar uiteindelijk werkt je als vc met partijen die het geld bij een bank niet krijgen. Wij willen dat risico wel lopen, maar vragen daar wel wat voor terug.“

Redacteur Sprout (online). Email: maarten@sprout.nl