Roddelen over je baas in een WhatsApp-groep kan reden zijn voor ontslag

Uitgang

Solliciteren bij een concurrent is weliswaar legaal, maar je collega's aanzetten om mee te gaan niet. Dat tekent Sprout-expert Arnoud Engelfriet op uit een recent vonnis in een ontslagzaak, die leunde op WhatsApp-gesprekken.

Roddelen in een WhatsAppgroep over je baas kan reden zijn voor ontslag, maak ik op uit dit vonnis van de rechtbank Midden-Nederland. In een ontslagzaak werd gegrap en gegrol over het werk aangevoerd ter onderbouwing van een verstoorde arbeidsrelatie. Hoewel het ging om een groepschat met een beperkt aantal collega’s, vond de rechter toch dat de vrouw terecht ontslagen mocht worden.

Een vrouw was sinds 1989 in dienst bij het bedrijf, en had daarbij een standaard geheimhoudings- en relatiebeding in het contract. Eind 2017 ontdekte ze dat er in het bedrijf echter grote verschillen in loon waren, maar haar klachten daarover vonden geen gehoor. Daarop besloot ze elders te solliciteren.

Via WhatsApp had ze daarbij twee collega’s gestimuleerd om mee te gaan (“Echt [voornaam van A] ? Wil je mee? Ik heb jou en [voornaam van B] dan echt nodig hoor!! En [voornaam van C] ook. Haha”). Maar let op: bij de grootste concurrent. En onderdeel van de sollicitatie was een gezamenlijke Powerpoint-pitch over wat ze bij die concurrent zouden konden gaan doen. Dat zette zo te lezen enig kwaad bloed, waarop de werkgever haar ontsloeg.

Collega's aanzetten

De rechter zet (terecht) voorop dat het volkomen legaal is om bij de concurrent te solliciteren, als je geen keihard contractueel verbod daartegen hebt getekend. En dat was er niet. Maar je collega’s aanzetten om mee te gaan, of bedrijfsvertrouwelijke informatie inzetten in een pitch zijn dingen die wél in strijd met het arbeidscontract kunnen zijn.

Om te kunnen bepalen of dit een probleem is, moet de rechter eerst toetsen of de WhatsApp-conversaties waar de partijen zich op beroepen, wel als onderbouwing kunnen dienen. In principe is dat natuurlijk mogelijk, maar in dit geval had de werkneemster gesteld dat de werkgever die had gemanipuleerd. Zo werkt dat in het bewijsrecht, er is niets raar aan elektronisch bewijs of aan chatlogs an sich, maar als er concrete vermoedens van manipulatie komen dan moet je eerst kijken hoe waar dat is.

Uiteindelijk blijft er bij de rechter weinig over van de gestelde manipulatie. Het kwam uiteindelijk vooral neer op het punt dat WhatsApp-chats minder serieus te nemen moeten zijn, de context van humor en snelle berichtjes is immers heel anders dan een formeel-zakelijke conversatie.

Na de chats gelezen te hebben, komt de rechter tot de conclusie dat er geen sprake is van onrechtmatig aanzetten om collega’s A en B mee te nemen. Ze namen nog steeds zelf het initiatief, en uiteindelijk hadden ook zij geen beding tegen die concurrent in hun contracten.

Verwijtbaar gedrag

Uit de berichten blijkt wel dat de werkneemster op een ander punt nogal wat te verwijten valt: ze wilde haar werkgever “een lesje leren”, waarbij ze in zeer cynische en schertsende uitspraken de managementcultuur neerzet. De wijze waarop zij het sollicitatietraject vervolgens doorliep bij de concurrent, waarbij ze zich als doel had gesteld de oude werkgever schade toe te brengen, maken dat haar gedrag verwijtbaar werd.

Wat de presentatie betreft, er is geen bedrijfsgeheime informatie gebruikt maar wel bleken foto’s opgenomen te zijn geweest die van de werkgever waren. Dat is dan mede een grond om haar een verwijt te maken.

In beginsel heeft een werknemer die minstens twee jaar in dienst is recht op een transitievergoeding als de arbeidsovereenkomst wordt opgezegd. Bij ernstig verwijtbaar handelen kan dat anders liggen.

Maar hoewel dit gedrag verwijtbaar is, is die verwijtbaarheid niet “ernstig” te noemen met name omdat er niet daadwerkelijk schade is opgedaan en derden niets hebben gemerkt. Daarmee komt zij in aanmerking (gezien de duur van het dienstverband) voor een vergoeding van dik 76 duizend euro. De kantonrechter laat dan ook nadrukkelijk een hint vallen dat de werkgever mág kiezen om het ontslag in te trekken. 

Arnoud Engelfriet is ICT-jurist, gespecialiseerd in internetrecht.Hij werkt als partner bij juridisch adviesbureau ICTRecht.

Zijn site Ius mentis heeft meer dan 350 artikelen over internetrecht.