Vervolg Wet DBA: wat is de stand van zaken?

Begin februari bleek dat de opschorting van de handhaving van de Wet DBA is verlengd tot 1 januari 2020. Maar hoe staat het er nu voor?

Foto: Sebastiaan ter Burg.

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en staatssecretaris Snel van Financiën schreven in februari een brief aan de Tweede Kamer. Hierin stond dat de opschorting van de Wet DBA is verlengd tot 1 januari 2020. Het kabinet streeft naar nieuwe wet- en regelgeving die per laatstgenoemde datum in werking zou moeten treden.

Eind juni gaven de minister en de staatssecretaris opnieuw een update. Met een brief gaan zij in op de maatregelen uit het regeerakkoord, hoe deze worden uitgewerkt en welke knelpunten hierbij aan het licht komen.

Arbeidsovereenkomst bij laag tarief

Eén van de in het regeerakkoord voorgestelde maatregelen is de “arbeidsovereenkomst bij laag tarief”. Hiermee wordt bedoeld dat bij een laag tarief van de zzp’er, gecombineerd met een langere werkperiode of het verrichten van reguliere werkzaamheden, een arbeidsovereenkomst wordt aangenomen. Deze voorgestelde maatregel beoogt de onderkant van de arbeidsmarkt te beschermen tegen schijnzelfstandigheid.

Zzp’ers met een laag tarief krijgen een arbeidsovereenkomst

Als dit praktijk wordt, brengt dit ingrijpende wijzigingen in het arbeidsrecht met zich mee. Er kan dan immers sprake zijn van een arbeidsovereenkomst zonder dat wordt voldaan aan de huidige criteria van de arbeidsovereenkomst, te weten loon, persoonlijke arbeid en een gezagsverhouding. Het kabinet onderzoekt momenteel hoe een dergelijk systeem zich verhoudt tot het Europees recht.

Hoog tarief

Aan de bovenkant van de arbeidsmarkt wordt een ‘opt-out’ voor de loonheffing en de premies voor de werknemersverzekeringen voorgesteld. Indien sprake is van een hoog tarief van de zzp’er, gecombineerd met een korte werkperiode of het niet verrichten van reguliere activiteiten, kan gebruik worden gemaakt van een opt-out. Deze opt-out regelt dat opdrachtgevers geen risico lopen op naheffingsaanslagen als zij met een dure zzp’er afspreken dat zij voor hem geen loonheffingen inhouden en betalen. Door deze opt-out-regeling kan een opdrachtgever dan dus een zzp’er met een hoog uurtarief zonder risico inhuren. Het kabinet onderzoekt in hoeverre deze voorgestelde maatregel daadwerkelijk nodig is.

Tevens laat het kabinet onderzoek doen naar tarieven, tariefopbouw en kenmerken van zelfstandigen en hun opdrachten.

Webmodule

Een webmodule moet zekerheid bieden over de aard van de arbeidsrelatie

In het regeerakkoord is opgenomen dat voor zelfstandigen en opdrachtgevers die werken met een tarief boven het lage tarief een webmodule beschikbaar moet komen. Via deze webmodule zou deze groep opdrachtgevers een verklaring moeten kunnen krijgen die vooraf zekerheid geeft over de aard van de arbeidsrelatie.

In dit kader is noodzakelijk dat het begrip ‘gezag’ verduidelijkt wordt. Hierover komt vóór 1 januari 2019 duidelijkheid. Samen met wetenschappers en veldpartijen wordt onderzocht of en hoe door middel van een webmodule duidelijk kan worden gemaakt of sprake is van werken als zelfstandige. Maar eerst brengt men dus nader in kaart wanneer sprake is van gezag.

Vervolg

Tot slot staat in de brief dat het kabinet ook verder kijkt naar de toekomst van de arbeidsmarkt. Zij stelt een onafhankelijke commissie in die hier nader onderzoek naar moet gaan verrichten.

In het najaar wordt een nadere uitwerking van de maatregelen verwacht.

Charlotte van Eeden is jurist civiel recht en arbeidsrecht bij LegalMatters.com, een juridisch platform voor ondernemers. Charlotte adviseert bedrijven op het gebied van onder meer contractenrecht en arbeidsrecht en staat ondernemers bij in juridische geschillen.