Hugo de Koning (YoungCapital): ‘Een bedrijf bouwen en vier dagen per week werken? Dat kan niet’

Niks geen exit. Als het aan ondernemer Hugo de Koning (38) ligt, werkt hij de rest van zijn leven voor zijn uitzendbureau YoungCapital. Maar niet meer zo hard als in de beginjaren. ‘We zagen onze familie nauwelijks, werkten 18 uur per dag en kregen bijna een burn-out.’

Fotografie: Maartje Geels.

Jongerenuitzendbureau YoungCapital kwam eind maart met een wel erg opmerkelijke 1 april-stunt. Wie bij het bedrijf kwam solliciteren, mocht dat doen onder het genot van een shotje of jointje, zo vertelde oprichter Hugo de Koning doodleuk in een video. Geouwehoer natuurlijk, al leek lang niet iedereen zich daarvan bewust te zijn. Sommige Facebook-gebruikers dachten dat YoungCapital verdovende middelen promootte. Zij spraken van een “verkeerd signaal” en een “mediageil bedrijf”.

Wij van Sprout raakten er vooral door benieuwd hoe het zit met De Konings eigen drank en drugs-gewoonten. We nodigden hem in onze nieuwsupdate van 27 maart uit voor een diepte-interview onder het genot van een shotje of jointje. Naar de coffeeshop met Sprout vond De Koning een weinig enthousiasmerend plan, maar de kroeg induiken zag hij wel zitten. En zo spraken we op een zonnige dag in mei met de mede-oprichter van het studentenplatform af in een van de meest afgeragde kroegen van Amsterdam; de Soundgarden.

“Hier woonde ik vroeger in de straat”, lacht De Koning als we hem aantreffen. Een grote drinker is hij zelf nooit geweest, geeft de ondernemer al snel toe. Tijdens het interview zullen er maar een paar biertjes doorheen gaan. Sterke verhalen heeft De Koning des te meer. Over de hotdogkraam waarmee hij als tiener evenementen langs struinde, over de beginjaren van YoungCapital waarin hij steevast 18 uur per dag werkte en over de toekomst, waarbij hij stiekem hoopt nog eens in de Verenigde Staten te kunnen wonen.

Zittend in de zonnige tuin achter de kroeg, vertelt De Koning over hoe zijn merkwaardige 1 april-grap tot stand kwam. De ondernemer stelt dat hij werkt met een panel van jongeren, waarvan hij leerde dat veel jonge werkzoekenden gespannen zijn voor hun eerste sollicitatiegesprek. “Ze hebben daar helemaal geen ervaring mee”, vertelt de welbespraakte ondernemer.

“Wij dachten daarom: we gaan die mensen helpen. We lanceerden daarom een real-time service met sollicitatie-experts. Sollicitanten kunnen voordat ze het sollicitatiegesprek ingaan terecht bij onze experts met last-minute vragen. Vervolgens hebben we er deze grap omheen bedacht, dus niet die experts, maar het shotje wodka of het jointje. Eerlijk gezegd vond ik het heel cool. Ik had nooit verwacht dat mensen zouden geloven dat wij als merk mensen onder invloed zouden interviewen (lacht). Ik was erg verrast dat het zo viraal ging, vooral ook onder mensen die niet tot onze doelgroep behoorden. De wat oudere mensen dachten dat de jeugd gek was geworden. Maar het was een enorm succes; we hadden meer dan 2 miljoen views op Facebook.”

Zoals je zegt, trapten sommigen op internet erin. Hebben jullie al sollicitanten aan de deur gekregen die dachten dat dit echt kon?

“Nee en eigenlijk hebben we ook geen klachten gehad van jongeren. Die wisten allang: natuurlijk is dat niet waar. Onze klanten werden er daarentegen niet blij van. Die geloofden het, dus onze salesafdeling was helemaal niet tevreden met deze actie. Begrijpelijk. Dit zijn natuurlijk professionals, het zijn accountmanagers die service bieden aan de klanten. Ze kregen plotseling vragen van de klant, die dachten dat het waar was.”

Leer je daar dan van, dat je de volgende keer niet weer zo’n 1 april-grap maakt? Of doe je het een volgende keer weer net zo?

Hugo denkt even na. “Ja, dat is een goede vraag. De viraliteit kan je niet voorspellen.”

Nee, maar wel hoe hard de grap overkomt. Drugs vormen een controversieel thema.

Ik zou die 1 april-grap over dat shotje of jointje zo weer maken

“Ja. En dat was ook juist wel datgene waardoor mensen dachten: ‘Nee, toch? Het zal toch niet waar zijn?’ Daar was vooraf wel heel goed over nagedacht. Wel hadden we deze video net iets te vroeg gelanceerd, waardoor de link met 1 april wat onduidelijk werd. Aan de andere kant: het heeft ook weer wel goed uitgepakt, want uiteindelijk stonden we in alle lijstjes van beste 1 april-grappen van 2018. Dus ja, ik zou het zo weer doen, maar dan misschien één of twee dagen voor 1 april. Niet een week van tevoren.”

De Koning figureert in de video en niet YoungCapital-ceo Ineke Kooistra. Bewuste keuze, stelt De Koning als we hem hierover vragen: “Onze ceo had dit nooit gedaan, dus daarom hebben ze mij gevraagd.”

Want jij verbindt je gezicht er wel aan, hè?

“Ik denk: laten we het gewoon uitproberen. Waarom niet? Wat is het ergste wat er kan gebeuren?”

Dat je een paar klanten kwijtraakt?

“Nou.. die raak je niet kwijt, joh. Dan leg je uit dat het een 1 april-grap was. En het was niet slechts een grap, er zat wel een hele boodschap achter: het promoten van het product dat we hebben gelanceerd, dus die app met sollicitatie-experts om je te helpen je zenuwen weg te nemen voor een sollicitatie. Ik kon het dus goed uitleggen.”

Al op 6-jarige leeftijd spaarde De Koning op creatieve wijze zijn eigen geld bij elkaar. Hij woonde toen met zijn ouders in Alphen aan de Rijn, recht naast een golfbaan. ‘s Avonds, als het donker werd, ging De Koning met zijn vriendjes naar die golfbaan om in het water gevallen golfballen op te duiken. “Ik had nog maar net mijn zwemdiploma A en mijn moeder vond het niet echt cool. In dat water voelde je snoeken en palingen, maar die hielden ons niet tegen. We haalden gemakkelijk honderden ballen uit het water, die we wasten en op de parkeerplaats verkochten.”

Dat ondernemende heeft hij naar eigen zeggen niet van zijn ouders, die beiden in dienstverband werkten. “Het kwam echt uit mezelf. Al van jongs af aan zag ik overal business in. Het is geen gave, het is meer van: ‘Laten we dat eens proberen!’ Ik ben gewoon heel nieuwsgierig.”

Om geld was het je niet te doen, het draaide dus vooral om het avontuur?

“Inderdaad. Het ondernemen, het doen, van niets iets maken. Vooral het proberen, eigenlijk. Heel veel experimenteren, niet te lang nadenken. Gewoon zeggen: 'Leuk idee, gaan we doen’.”

Opvallend: terwijl techondernemers van jouw generatie op jonge leeftijd sleutelden met computers, ging jij juist de deur uit.

Gamen? Zonde van je tijd, ga de natuur in!

“Ja. Ik ben redelijk tech-minded, maar ik hou ook enorm van buitenspelen. Ik heb bijvoorbeeld nooit binnen gezeten om te gamen. Ik snap dat sowieso niet, mensen die gamen. Ik vind het zonde van je tijd. Ga de natuur in, ga naar buiten! Oké, als je een paar uur per dag gamet vind ik het prima, maar sommige gasten gamen de hele dag. Dat zie je ook met die nieuwe generatie. Mijn zoon zit het liefst de hele dag achter de iPad, dat had ik nooit! Ik wilde naar buiten; hutten bouwen, vlotten maken.”

Toen de Koning 15 jaar was, begon hij met een vriend een hotdogkraam, met bijbehorende KvK-inschrijving. De twee reisden tal van evenementen af, vertelt De Koning: “Dan gingen we bijvoorbeeld op carnaval staan. Als de horeca sloot, bleven wij open. Dan gingen wij pas echt goed draaien. Dan stonden we op zo’n plein in Breda of Den Bosch met rijen vol klanten. In de nachten sliepen we gewoon in onze bus, met ijspegels aan het dak. Vroeger was het nog ijskoud met carnaval.”

De Koning laat een foto zien (zie beneden) die gemaakt is in zijn tijd als hothogverkoper. “Kijk, dat ben ik”, zegt de ondernemer, wijzend op een langharige jongen. “Ja, ik was een enorme Nirvana-fan (lacht).”


Toen Hugo de Koning nog een langharige tiener was, verkocht hij hotdogs op evenementen. Ik was een enorme Nirvana-fan. (foto uit de privécollectie van De Koning)

Wel een contradictie: zo’n langharige Nirvana-fan zou je niet zo snel linken aan een ondernemer.

“Ja, ja, ja. Misschien niet (lacht).”

Wat voor vrienden had je in die tijd? Ook grungefans?

Ook al hadden we lang haar en waren we alto, we waren heel ondernemend

“Allemaal, ja!” De Koning moet hard lachen. “Het was ook die tijd. Ik had ook zo’n Honda Dax-brommer, bijvoorbeeld. Je had eigenlijk twee stromingen binnen mijn generatie (De Koning komt uit 1980, red.). Je had de gabberscene, met de Australian caps en kale koppen, en je had de alto’s. Ik zat zelf altijd aan de altokant. Ik ben wel opgegroeid met heel ondernemende vrienden, ook al hadden we lang haar en waren we alto. We handelden ondertussen in brommers en we verkochten dingen via de ViaVia. Dat was zo’n advertentieblaadje dat overal lag.”

Na de havo ging je small business studeren in Haarlem. Een voor de hand liggende keuze, gezien je ondernemende karakter.

“Ach, er gingen wat vrienden heen (lacht). Ik dacht helemaal niet zo na over wat ik moest studeren. Andere vrienden zaten er al op. Die zeiden: dat is een leuke school, dus voor ik het wist ging ik van Alphen naar Haarlem. Er was een heel slechte treinverbinding, maar het was wel een leuke opleiding. Heel vrij. Het was een nieuwe opleiding en de leraren waren ook ondernemer. Ik heb er niet heel veel geleerd, maar wel veel genetwerkt.”

Ze hebben je daar wel verteld dat je een bedrijf zou moeten oprichten.

“Ja, meerdere bedrijfjes. Na de hotdogkraam begonnen we met websites bouwen. Heel veel bedrijven hadden geen website, slechts een een fax. Ja, daar kun je je niks meer bij voorstellen, hè? Wij gingen gewoon langs de winkels en ketens en zeiden: joh, jullie moeten een site hebben waarop je je product zet en verkoopt. We gaan toch niet verkopen via het internet?, begonnen ze dan (lacht). Wij hebben toen heel veel websites gebouwd voor meestal kleinere retailers, om hen een gezicht te geven.”

Hoe kwam je als jonge ondernemer bij grote retailers aan tafel?

“We (De Koning deed het samen met studievriend Rogier Thewessen en jeugdvriend Bram Bosveld, red.) belden gewoon iedereen op en vroegen: waarom heb je nog geen site? Meestal ging het om heel grote bedrijven. Die hadden in 1999 nog niet gezien wat een kansen en schaalbaarheid je op internet had. Wij zagen dat wel en probeerden die bedrijven te overtuigen om ook online te gaan. Zo haalden we een forse groothandel voor voedingssupplementen al in 1999 online. Mijn neef had die site in ASP (active server pages; software om websites mee te bouwen, red) gemaakt. Die groothandel verkocht in 3 maanden tijd veel meer via die site dan ze in 20 jaar via normale distributie hadden gedaan. Het was echt een groot succes.”

In 2000 begon De Koning samen met Bosveld Studentenwerk. Al snel complementeerde Thewessen het founders team. De Koning kende Thewessen van zijn studietijd in Haarlem. Het idee voor Studentenwerk, een online vacatureprikbord, ontstond toen De Koning een bijbaantje had bij een ander jobboard, in het leven geroepen door uitzendbureau Start People en KNP. “Vroeger, toen er nog geen internet was, had je op zaterdag zo'n dik pak krant”, zegt De Koning, breed gebarend met zijn armen. “Dat zat vol met vacatures, waaraan media heel veel geld verdienden. Het is niet normaal wat je moest betalen om daarin te adverteren.”

De Koning zag hier een kans om dat model als ondernemer om te gooien. “Bram en ik wilden een online jobboard voor jongeren op de markt brengen. Deze groep richtte zich immers het snelst op het internet. We gingen advertentieruimte aan bedrijven verkopen die op zoek waren naar jongeren. Aanvankelijk was dat heel simpel. Je pakte gewoon de krant van zaterdag en scande wie er op zoek waren naar jongeren. Dat ging dan vaak om callcenter- en retailwerk. Die partijen belde je op: ‘Joh, u staat in de krant, wat betaalt u daarvoor?’ Dat kostte dan echt 25.000 gulden, en wij zeiden: 'Bij ons kan het voor 1 procent van die prijs’. We verzekerden ze bovendien van meer reacties, traffic en de mogelijkheid om alleen in plaatsen te adverteren waar ze mensen zochten.”

Het ging de ondernemers voor de wind. Al snel stond Studentenwerk hoog in de zoekmachines. “In Alta Vista, je had nog geen Google”, lacht De Koning. Grote uitzenders, zoals Randstad en Manpower, merkten dit op en besloten ook te adverteren bij Studentenwerk. Bezoekers bleken het echter niet fijn te vinden om alleen maar intermediairs op het platform voorbij te zien komen. “Wij dachten: zo gaat ons jobboard gaat eraan! We moeten iets doen.”

Ze besloten daarop het roer volledig om te gooien en zelf een uitzender te worden. YoungCapital was geboren. “We dachten: uitzenders zijn eigenlijk retailers. Vroeger had je een winkel nodig om traffic te genereren. Onze retailvestiging is daarentegen in feite onze website.”

De ondernemers trokken de stoute schoenen aan en deelden de uitzenders mee dat zij niet meer op Studentenwerk mochten adverteren. “We zeiden: we gaan zelf uitzenden. Toen hadden we iets te pakken wat tien keer efficiënter was dan hoe de reguliere uitzenders werkten. Zij hebben nog steeds honderden vestigingen en kijken de hele dag naar de deur totdat iemand zich meldt die werk zoekt. Ze steken dus tijd in iemand voor wie ze nog geen baan hebben. Dat doen wij niet. We hebben een website en daar staat werk op. Ben je geïnteresseerd, dan kun je solliciteren en steken we tijd in je. Door dat model werden we veel goedkoper en sneller dan concurrenten.”

Maar goed, eerst zelf maar eens een kantoor vinden. Thewessen wilde graag in Amsterdam zitten, maar Bosveld en De Koning voelden daar minder voor. “We hadden een hekel aan file en bij Schiphol staat altijd file”, zegt De Koning. Ze besloten dat ze zich wel in de regio van Amsterdam wilden vestigen, maar niet verder dan de Schipholtunnel. Hoofddorp voldeed precies aan dat plaatje. Het is bovendien goed bereikbaar; acht keer per uur gaat er een trein of bus vanaf Schiphol richting Hoofddorp.

De jaren erop openden de ondernemers snel meer vestigingen; in Utrecht, Eindhoven en Groningen. “Mensen kunnen hier nooit naar binnen lopen met de boodschap: ik zoek werk. Je kunt er alleen op afspraak komen naar aanleiding van je online sollicitatie.”

We kwamen er al snel achter dat we geen goede managers zijn

Het was een tijd van hard werken, stelt De Koning. “Het was echt topsport.” Na 10 jaar harde arbeid besloten de ondernemers daarom dat het welletjes was geweest. Iemand anders zou de dagelijkse leiding op zich moeten nemen. Ineke Kooistra werd daarom in 2013 ceo bij YoungCapital. “Het bedrijf groeide heel hard en het kostte ons moeite om steeds de stip op de horizon te bepalen”, stelt De Koning. “We kwamen er al snel achter dat we helemaal geen goede managers zijn. Dan keken we elkaar aan en zeiden we: help, de eindejaarsevaluaties komen er weer aan (lacht). Als je dat in je eigen bedrijf hebt, krab je jezelf wel achter de oren. Je denkt: is dit handig? We zijn goede recruiters, die altijd op zoek zijn naar de juiste mensen om business over te nemen. Daarom dachten we: hier gaan we ook iemand voor aannemen.”

Is dat niet moeilijk, het overdragen van de leiding?

“Nee. Helemaal niet. Kijk, het is heel simpel. We hebben nooit ons persoonlijk belang voorop gesteld. We hadden een heel duidelijke rolverdeling. Komt er iemand bij je organisatie die het gezicht wordt van het bedrijf, dan is dat het mooiste wat er is. Ineke, die nu al 5 jaar onze medewerkers aanstuurt, doet dat veel beter dan wij.”

Toch blijf jij wel het gezicht naar buiten toe.

“Nóóóu, nee.. Ja? Nou, we hebben daar ook een hele duidelijke rolverdeling in. Bram zit heel erg in de hoek van de corporates, dus alle grote banken en verzekeraars kennen Bram. Ik zit aan de ondernemerskant. Jij schrijft voor Sprout, dus je praat met mij. En Rogier zit echt aan de technische kant, de online kant. Die heeft ook nog een heel publiek dat denkt: hij is de oprichter. Daar kennen ze mij vaak niet eens.”

Dus het hangt van je perspectief af, wil je zeggen.

“Ja. En als we pr bedrijven rondom leiderschap en cultuur schuiven we Ineke naar voren. Die is daar de hele dag mee bezig. We hebben dus vier verschillende personen. Daar zit een heel marketingteam op en er wordt heel goed over nagedacht.”

Jij schijnt je tegenwoordig vooral bezig te houden met relatiebeheer.

“Ik ga bij veel klanten langs. Niet alleen bij corporates, ook bij veel grote mkb-bedrijven. Ik probeer daarnaast elke week een vestiging te bezoeken om met een recruiter te praten. Het liefst met een nieuw iemand. Dan ben ik heel benieuwd hoe snel die een nieuw systeem onder de knie heeft. Naar dat proces kijken, vind ik heel leuk. Onze software, toch een van onze groeiversnellers, daar zit ik enorm op. Ik bemoei me daarnaast ook nog best wel wat met de marketing. Een combinatie dus van proces-, relatiebeheer en marketing, zou ik zeggen.”

De beginjaren van YoungCapital omschrijft je als topsport beoefenen. Heb je het inmiddels rustiger gekregen?

“Ik ben nog steeds dag en nacht bezig met mijn bedrijf, maar ik hoef niemand meer aan te sturen. Daardoor ervaar ik wel meer rust.”

Er lijkt de laatste jaren nogal een trend te zijn van hard werken en het druk hebben. Tegelijkertijd zien we veel jongeren die te kampen hebben met burn-outs. Hoe kijk jij eigenlijk aan tegen de work-life-balance; lekker hard werken of liever vier dagen per week naar kantoor?

We hebben ons sociale leven 10 jaar ten grabbel gegooid

“Je moet keuzes maken, vind ik. Wij hebben ervoor gekozen om ons sociale leven de eerste 10 jaar van dit bedrijf ten grabbel te gooien. We zagen onze familie nauwelijks, werkten 18 uur per dag en kregen bijna een burn-out.”

Je hebt bijna een burn-out gehad, zeg je?

“Nou ja, het is gewoon niet gezond als je dag en nacht werkt. Het is niet goed. Als je zo in het bedrijf zit, is één plus één niet drie, maar wel tien. Je gaat met zo’n snelheid dat het belangrijk is om af en toe een paar weken vakantie te nemen. Dat deden wij niet. We gingen altijd alleen maar kort weg. Naar Oostenrijk van vrijdag tot zondag. Racen naar het vliegtuig, skiën en weer terug (lacht).”

En hoe moet de nieuwe generatie het aanpakken op het gebied van de work-life-balance, denk je?

“Kijk, de nieuwe werkgeneratie wil heel veel. Ze wil reizen, naar festivals en ga maar door. Als je dat allemaal wil, dan kun je in ieder geval niet een bedrijf van niets naar iets opbouwen. Dat is mijn mening. Het draait dus echt om wat je wil. Jouw punt van dat het momenteel enorm in is om hard te werken.. Ik zie het niet terug, hoor. Misschien praat jij met veel startende ondernemers. Ik vind het een goed teken dat jij dat dan hoort. Daar bereik je namelijk iets mee. Je kan niet een heel mooi bedrijf bouwen en vier dagen werken en vrijwilligerswerk doen en naar festivals gaan en op vakantie gaan. Dat kan gewoon niet, maar dat vind ik, hè? (lacht)”

Dus we mogen met zijn allen best een tikje harder werken?

Mensen van rond de 20 jaar hebben een andere mindset dan de Generatie Y

“Kijk maar eens naar de jongste generatie, de mensen die nu rond de 20 jaar zijn. Die hebben een andere mindset dan de generatie boven hen, de Generatie Y. Ze hebben ook best veel shit meegemaakt. Hun ouders zijn bijvoorbeeld werkloos geraakt door de crisis. Ze hebben gemerkt dat ze keuzes moeten maken als ze iets willen bereiken in het leven. Dat vind ik een hele gezonde ontwikkeling.”

De generatie Y is dus wat te vrij geweest in wat ze willen, stel je. Ze wilden heel veel bereiken, maar er niet te hard voor werken.

“Nou, het ging natuurlijk heel goed. Je ziet dingen dan ook rooskleuriger in. Als het daarentegen slecht gaat en je hebt in je omgeving veel schade gehad en werkloosheid, dan is het een ander verhaal. De jeugdwerkloosheid ging tijdens de crisis richting de 10 procent. Bij allochtone jongeren was het zelfs 15 procent. Nu zit het weer onder de 5 procent, dus het gaat gelukkig weer goed. Maar er was veel shit voor de jeugd, en die heeft daar heel goed van geleerd, denk ik.”

Wat zie je zelf eigenlijk als de grootste uitdaging uit je carrière tot nu toe?

“Onze assets, dat zijn mensen. Goede recruiters en goede mensen die bij ons werken. Het vinden van de mensen die net iets slimmer zijn en net iets harder werken, dat vormt altijd een uitdaging. Dus de instroom en het behoud van je cultuur. Zorgen dat je het juiste DNA behoudt, ook al groei je nog zo hard.”

Hoe hou je het na 18 jaar YoungCapital en Studentenwerk nog spannend?

“Dat is het mooie aan een bedrijf dat zo hard groeit: elke 3 maanden kan ik op iets anders focussen, specialist worden. Momenteel is Google bijvoorbeeld bezig met Google for Jobs. Daar duiken wij dan vol op: hoe werkt hun systeem? Hoe kunnen wij ons bedrijf daarop aansluiten en hoe passen we onze strategie daarop aan? Mijn compagnon houdt al die ontwikkelingen in de gaten, dus we zijn continu bezig met externe factoren. Minister Koolmees wil de Wet Werk en Zekerheid op de schop gooien. Hij wil de flexibilisering aanpassen en uitzenden duurder maken. Ook dat is iets waar we uit nieuwsgierigheid onze aandacht op richten.”

Toch hoor je heel vaak verhalen over ondernemers die een bedrijf opzetten om na een exit weer heel wat anders te doen. Bij jou niets van dat alles. Je blijft altijd wel een beetje in hetzelfde hoekje zitten, hè?

“Wij zijn eigenlijk nog maar net begonnen. Wij hebben ook echt zin om de komende 40 jaar aan dit bedrijf te blijven bouwen.”

Droom je er echt niet stiekem van om nog eens wat anders te gaan doen?

We kunnen de komende 10 jaar steeds met 50 procent blijven groeien

“Misschien neem ik nog eens een baan ernaast, maar het uitzenden is zo’n leuk vak. Je maakt bedrijven blij en je maakt sollicitanten blij met een baan. Een baan is erg belangrijk, dus dit is heel dankbaar werk. We zijn een jong bedrijf. We groeien heel hard, maar de markt is gigantisch. Er gaan miljarden in om, dus we kunnen de komende 10 jaar nog steeds jaarlijks met 40 tot 50 procent doorgroeien.”

“Ook zijn we aan het internationaliseren, wat ik heel interessant vind. We zitten nu in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk en er zijn nog zoveel opties voor ons. Je ziet bij techondernemers vaak dat ze vooral bezig zijn met hoe je geld op kunt halen. Dat hebben wij nooit gedaan. We zijn het bedrijf gewoon begonnen met eigen geld en hebben zo doorgebouwd. We zijn altijd heel duurzaam geweest in het bouwen van ons bedrijf. We wilden het niet oppompen en verkopen. Dat hadden we allang kunnen doen, maar wat moet je dan doen? Dan zit je thuis.”

Als tiener wist jij anders wel wat je moest doen. Je hebt zoveel verschillende manieren ontdekt om geld te verdienen.

“Ja, maar je ziet hoeveel moeite het kost om een bedrijf te bouwen. Ik wil nooit meer zoveel energie in een bedrijf steken als tijdens de eerste jaren van dit bedrijf. Dat zou ook niet eens meer kunnen. Ik heb nu kinderen en een vriendin, met wie ik heel blij ben.”

8 jaar geleden zetten jullie met YoungCapital een fonds op, waarmee jullie sindsdien geld steken in andere startups. Is dat voor jou ook nog een manier om afwisseling in je werk te houden?

“Het is ook een manier om een beetje in contact te blijven met de markt. Er gebeurt heel veel in de tech- en startupwereld en er staat nog veel meer te gebeuren. In het begin stopten we geld we in allerlei soorten techbedrijven, maar we hebben inmiddels besloten niet meer in bedrijven te investeren die niets met onze doelgroep te maken hebben. Het fonds is nu bedoeld om een deel van onze winst te investeren in bedrijven die recruitment-gerelateerd zijn.”

Jullie zijn druk bezig met de internationalisering. Zie je jezelf nog eens in het buitenland werken?

Ik zou het geweldig vinden om YoungCapital Amerika op te zetten

“Ik zou graag willen verhuizen naar het buitenland, maar mijn vrouw wil dat niet (lacht). Ik heb twee jongens van 5 en 7 jaar en nog een kleine op komst (de baby is inmiddels geboren, red.). Wij blijven dus voorlopig in Alphen aan de Rijn. Maar goed, als je het mij vraagt: ik zou het geweldig vinden om YoungCapital Amerika op te zetten. Wel zou ik het dan anders doen dan in de beginjaren. Als je jong bent, ben je natuurlijk ook een beetje onbezonnen. Je hebt minder kennis en doet heel veel zelf. Maar goed, eerst maar eens Duitsland en het Verenigd Koninkrijk veroveren.”

Oftewel: dit was een oproep via de media aan je vriendin.

“Ja (lacht).”

Wat is tot slot je grootste droom om nog met YoungCapital te bereiken?

“We zijn een eigen hbo-opleiding begonnen en het is mijn droom om dat hele InHolland te disrupten. Om een variant te creëren op het opleidingssysteem, dat totaal niet meer aansluit bij wat een bedrijf nodig heeft. Je ziet nu vaak dat scholen niet afleveren waar het bedrijfsleven behoefte aan heeft. Wij willen dat gat opvullen met onze eigen Academy. We hebben nu een opleiding in de IT en willen er straks ook eentje lanceren voor finance en engineering. Het idee is dat je als student direct aan het werk gaat bij een bedrijf en een salaris krijgt. Daarna heb je dus een diploma en vier jaar werkervaring. Ik hoop dat jongeren over een paar jaar zeggen: ‘Jeetje, je gaat toch niet meer een opleiding volgen bij de staat? Ga liever naar de YoungCapital Academy’.”

Jelmer Luimstra is online redacteur voor Sprout, en schrijft over vernieuwende scaleups en startups.

Elke ochtend...

X
het belangrijkste ondernemernieuws in jouw mailbox? Gegarandeerd Sprout-stijl!