Geef de journalist wat hij wil (en kom in de media)

Snoep

Lobby jij actief bij de media, maar zijn het altijd de concurrenten die in de krant voorbijkomen? Dan wordt het tijd dat je de journalist geeft wat hij wil, zegt Sprout-expert Jill Bakker. 

Een journalist geven wat hij wil. Dat is vaak makkelijker gezegd dan gedaan. Voor wie redacties actief benadert - zonder resultaat - voelt het soms alsof je in een salesfunctie terecht bent gekomen. In deze blog de vijf meest gemaakte denkfouten die het succes in de weg zitten.

Denkfout #1: Mijn product of dienst is super interessant voor de journalist

Een nieuw product of dienst? Fantastisch voor je! Maar lost het een maatschappelijk probleem op? Heeft je verhaal een lokale insteek of is het te verbinden aan een recent nieuws event? Wanneer je de journalist nul context over jouw nieuws geeft, zal hij niet staan te springen om het verhaal te delen. De link met de advertentieafdeling is dan snel gelegd.

Een journalist doet aan storytelling niet aan verkopen. Als je hem op weg kunt helpen met educatieve en inspirerende content waar zijn publiek van kan leren, is de kans dat de pitch iets oplevert aanzienlijk groter.

Denkfout #2: De journalist kan niet wachten om mijn pitch tot zich te nemen

Besef je: een journalist krijgt wel honderden persberichten en pitches per week voor zijn kiezen. Een onmogelijke taak om het allemaal te verwerken. Een heel groot deel van de berichten eindigt dan ook in de prullenbak. Als je de journalist duidelijk wilt maken dat hij op jouw nieuws zit te wachten word dan zo snel mogelijk relevant.

Een journalist wil geprikkeld worden bij de allereerste zin. Ook jij oordeelt binnen enkele seconden of je onder de indruk bent van je date. Zorg dus voor een pittige onderwerp-regel die de essentie van jouw verhaal verwoord. Door in de rest van de tekst met korte en gevatte kopjes te werken houd je de journalist aan het lijntje.

Denkfout #3: De redactie wijst vast de journalist voor mijn verhaal aan

‘Als ik het bericht naar het algemene emailadres stuur, weet ik in ieder geval zeker dat mijn mailtje aankomt.’ Dat is natuurlijk waar, maar de kans dat het daarna terecht komt bij de juiste journalist, is een stuk kleiner. De redacties hebben geen tijd om continu mails te forwarden.

Een journalist heeft zijn eigen interesses en kennisgebieden. Neem de moeite om te checken wie van de redactie het meest over jouw onderwerp schrijft. Verdiep je in zijn artikelen en verwijs ernaar als je jouw nieuws onder de aandacht brengt. Daarmee laat je zien dat je hun tijd respecteert en hun doelgroep begrijpt.

Denkfout #4: De journalist maakt zijn eigen verhaal dus mijn bericht is puur ter inspiratie

Te lang, irrelevant of slecht geschreven. Niemand baant zich vrijwillig een weg door een hoop informatie zonder kop of staart. Als er geen doorkomen aan is en de urgentie zoek, dan haakt de lezer af, ook de journalist.  

Een journalist publiceert voor zijn publiek. Dit publiek wil geëntertaind worden en meer over hun favoriete onderwerpen te weten komen, de journalist dus ook. Hij vraagt zich bij ieder bericht af: ‘wat is er nieuw? Is er iets gebeurd waar we nog geen aandacht hebben besteed?’. Hoe beter en spannender jij deze relevantie verwoordt hoe meer indruk jij maakt.

Denkfout #5: Nee? Dat moet een vergissing zijn, laat ik nog eens bellen en mailen

Nee, is nee. Dat denk jij ook wanneer de energieverkoper je niet laat gaan. Dus wordt geen stalker die de journalist blijft pushen met hoe mooi je verhaal is.

Een journalist werkt integer, wanneer jij de moeite neemt om jouw voorstel af te wijzen dan moet je dat respecteren. Maar weet ook dat niet op iedere mail kan gereageerd worden. Wacht twee of drie dagen voordat je in de telefoon klimt. Een informerend belletje, mits je relevant bent en naar de juiste journalist vraagt, kan geen kwaad.

Senior communicatieadviseur bij De Wolven. Gespecialiseerd in innovatieve communicatiestrategieën en pr-campagnes. Expertise: publiciteit, campagnes, social media en influencer marketing.