Wat voor bedrijven zorgen voor de energie van morgen?

Als er voor ondernemers nog ergens één interessant gebied is, dan is het wel in de energietransitie. De opgave is groot, en dus ook de kansen. De New Energy Challenge is een van de vele initiatieven om ideeën op dit terrein te stimuleren en verder te brengen. Om wat voor bedrijven gaat het daarbij? En hoe ziet hun toekomst eruit? Een kleine greep.

Voor de energie van morgen wordt zwaar ingezet op zonnepanelen en windmolens. Maar wat doe je dan als de zon niet schijnt en de wind niet waait? En wat doe je als zon en wind méér produceren dan je nodig hebt? Dan is opslag van energie de grote uitdaging. 

Momenteel wordt in Europa dan ook volop gebouwd aan nieuwe batterijfabrieken. Voor kleine, maar vooral ook voor heel grote batterijen. In Delft zit een bedrijf dat (onder meer) helpt om die batterijen goedkoper, en beter dan ooit te maken. Met name dankzij ‘nanocoatings’, vertelt Roderik Colen, ceo van Delft-IMP. Kort gezegd: heel dunne atomaire laagjes, met veel toepassingen, die je als een soort jas om allerlei producten heen kunt doen om hun werking te verbeteren.

Het bedrijf wil er alles aan doen om de energietransitie te versnellen, en de behoefte aan schaarse (en dus kostbare) materialen te verminderen. Dat is ook een van de redenen waarom Delft-IMP meedoet aan de New Energy Challenge van Shell, Rockstart, YES!Delft en Get in the Ring, vertelt Colen. Want juist in de energietransitie zijn ook de traditionele energiebedrijven van belang, als vliegwiel om versnelling te genereren. En deze competitie voor startups en scaleups met ‘game-changing oplossingen voor het energiesysteem van de toekomst’ kan dus enorm helpen.

Betere batterijen

Delft-IMP gebruikt hun nanocoatings min of meer op drie manieren, vertelt de Luxemburger Sebastien Moitzheim, die in Leuven promoveerde op Li-ion-batterijen en nu bij het bedrijf voor de business development verantwoordelijk is. De eerste is: batterijen verbeteren. ‘Als je daar nanocoatings op aanbrengt, gaan ze veel langer mee, worden ze veiliger, en kun je bovendien goedkopere materialen gebruiken.’

Een tweede toepassing is bij het omzetten van waterstof in elektriciteit bij brandstofcellen. Een enorme groeimarkt, mede dankzij de Green Deal in Europa, die veel nadruk op waterstof legt. En dan is er ook nog een derde mogelijke toepassing, bij ‘de andere kant’ van dit proces: de elektrolyse, oftewel: het opslaan van elektriciteit in waterstof.

Kortom: ‘Eigenlijk kunnen nanocoatings in de hele waardeketen een substantiële bijdrage leveren’, aldus Colen. ‘Ik verwacht bijvoorbeeld dat over tien jaar geen elektrische auto meer rondrijdt zonder nanocoatings erin en het zou me niet verbazen als dit bij een groot deel van de moderne fuel cell en elektrolysecapaciteit ook het geval is.’

Het begint vaart te krijgen

Roderik Colen Sebastien Moitzheim Delft-IMPNu alleen nog de klus om van dat (gepatenteerde) idee een succesvol bedrijf te bouwen. En dat is waar ze in Delft sinds 2014 mee bezig zijn. Langzaamaan begint dat vaart te krijgen, zeggen Colen en Moitzheim. ‘De interesse van de industrie neemt in rap tempo toe, ze krijgen in de gaten hoeveel waarde deze technologie kan toevoegen.’

Op de ‘pilot’ productiefaciliteit in Delft kon het lab al ongeveer één kilo ‘nanogecoat’ poeder per uur produceren. ‘Dat is nu gegroeid naar tien kilo’, zegt Colen. ‘De volgende stap is honderd kilo. Dan heb je echt de schaal waarop je het verschil kan maken.’

En het goede nieuws is verder: batterijproducenten hoeven er niet hun hele systeem voor om te gooien om de vruchten hiervan te plukken. ‘Je zet onze machine bij wijze van spreken straks gewoon in een hoekje van de fabriek erbij.’ 

Volgend jaar wil het bedrijf geld ophalen om het eerste exemplaar in de markt te zetten. ‘En daarna willen we deze technologie gaan verkopen, onder meer aan al die hoekjes, in al die fabrieken.’

Meer Nederlandse kanshebbers

Uit de vele inzendingen voor de New Energy Challenge zijn ook dit jaar weer 21 partijen uitverkoren tot de shortlist: elf startups en tien scaleups. In die eerste categorie is Delft-IMP de enige Nederlandse deelnemer die zover is gekomen, samen met het in 2018 opgerichte Gradyent, een bedrijf dat met behulp van Artificial Intelligence (AI) en een cloud based softwareplatform warmtenetwerken kan optimaliseren, en daar recent nog een kleine twee miljoen euro voor ophaalde. 

In de categorie scaleups zijn er maar liefst vijf van de uitverkoren bedrijven gevestigd in Nederland. Zo is er het in 2011 opgerichte Proton Ventures, een bedrijf in Schiedam dat is gespecialiseerd in gedecentraliseerde productie van ammoniak. Ook is er hier plek voor Vertoro, een in 2017 gestart bedrijf met bio-based alternatieven voor fossiele brandstoffen, de in 2013 gestarte bio-butadiene-producent ETB en voor het Utrechtse Simreka, dat sinds 2007 werkt aan simulatiesoftware om de chemische industrie sneller producten te kunnen laten ontwikkelen.  

Blockchain

Speciale vermelding verdient hier verder Chemchain, dat een open source blockchain-platform bouwt om het gebruik van chemicaliën gedurende de hele waardeketen inzichtelijk te maken. Dat lijkt misschien een beetje een vreemde eend in de bijt, omdat de link met ‘nieuwe energie’ hier niet voor de hand ligt. Maar vergis je niet, zegt ceo Lorenzo Zullo. Want duurzaamheid maakt onlosmakelijk deel uit van zijn product, en chemicaliën zijn nu eenmaal de ‘building blocks’ van onze samenleving. 

‘Wij hebben een oplossing gevonden waarbij de producent eenvoudig kan delen welke chemicaliën ze gebruiken, via blockchain. Je stopt gewoon een barcode op je product, en iedereen verderop in de keten kan dan via die barcode een sleutel vragen om die informatie te ontgrendelen.’

Niet aan de grote klok

Lorenzo Zullo ChemchainChemische bedrijven houden momenteel graag vertrouwelijk welke grondstoffen ze precies waarvoor gebruiken. Dat hoef je niet aan de grote klok te hangen, zo is al gauw het idee. Het vertegenwoordigt immers vaak een deel van de knowhow van de bedrijven, hun intellectuele eigendom en handelsgeheimen. 

Maar in de hele keten is wel steeds meer behoefte aan zulke informatie, of het nu gaat om compliancy (voldoen aan de regelgeving) of om recycling, zegt Zullo. En via blockchain kun je beide uitersten verenigen: je kunt wél de benodigde informatie delen, gedurende de hele levenscyclus van een product, maar zonder dat die ‘op straat’ komt te liggen. ‘En zo kun je als chemisch bedrijf de controle houden over je eigen data en bijvoorbeeld zien wie wanneer welke informatie heeft opgevraagd.’

Momenteel houdt zijn bedrijf onder meer een pilot met Dow Chemicals, de op twee na grootste chemische producent ter wereld. Hier wordt Chemchain gebruikt om informatie te delen over de chemische samenstelling van polyurethaanschuim, dat als isolatiemateriaal in koelkasten wordt gebruikt. Via Chemchain kunnen verwerkers die zulke informatie nodig hebben om het schuim effectief te recyclen, dit makkelijker doen. 

De circulaire economie in optima forma dus, terwijl tegelijk gevoelige bedrijfsinformatie wordt beschermd. ‘Een echte gamechanger’, denkt Zullo. ‘De chemische industrie wordt vaak nog gezien als een bad player. Door dit mogelijk te maken kan het imago van de hele industrie veranderen.’

Massa nodig

Chemchain richt zich niet alleen op informatie overdragen. Als het product aanslaat, zijn er natuurlijk ook ‘ongekende inzichten’ te genereren over het gebruik van chemicaliën en de levenscycli van producten, aldus Zullo. ‘Dat bied ook weer nieuwe kansen om nieuwe stromen van potentieel recyclebare materialen te identificeren.’

Het idee is binnen twee jaar officieel live te gaan met de lancering van een product en wereldwijd op te schalen. Er zijn momenteel al letters of intent gesloten met chemiereuzen als Bayer en Solvay. Ook is er contact met bijvoorbeeld Shell. Het bedrijf, dat het Seal of Excellence heeft ontvangen van de Europese Commissie, is bovendien geselecteerd voor fase twee van het zogeheten Horizon 2020 van SME Instrument, bedoeld voor ‘internationaal georiënteerde, innovatieve bedrijven met de ambitie om te groeien.’ 

Als het allemaal doorgaat, kan die fase zo’n twee miljoen opleveren. ‘Dat is genoeg om het binnen twee jaar naar een commercieel interessant product te brengen’, aldus Zullo. Het potentieel van dit idee wordt volgens hem inmiddels breed onderkend, zegt hij. ‘Al moeten we nog wel meer mensen uitleggen waarom dit voor alle spelers in de keten belangrijk is, en waarom het iedereen voordeel kan opleveren. Raising awareness, dat is vaak nog wel nodig. Hopelijk helpt de New Energy Challenge daar ook weer aan mee.’

Dit artikel is onderdeel van het dossier ‘New Energy Challenge’ op Sprout.nl. Dit dossier wordt mogelijk gemaakt door New Energy Challenge. Dit is een startup- en scaleupcompetitie voor ondernemers in Europa en Israël die geavanceerde technologieën en oplossingen ontwikkelen om aan de toekomstige energiebehoefte te voldoen. De challenge wordt georganiseerd door Shell, Rockstart, YES!Delft en Get In The Ring. ​​

Peter Boerman is journalist met een fikse interesse in alles wat met de arbeidsmarkt te maken heeft.

Elke ochtend...

X
het belangrijkste ondernemernieuws in jouw mailbox? Gegarandeerd Sprout-stijl!