Sprout test: Kigo kidswatch

Het klinkt goed: een gps-horloge dat kinderen overal en altijd vindbaar maakt. Sprout testte de Kigo Watch, ontwikkeld door de Nederlandse startup Watcher Enterprises, en kwam wat haken en ogen tegen.   

Je kunt Erik Recter en zijn startup Watcher Enterprises veel verwijten, maar niet dat het ze ontbreekt aan lef. Want daarvan was een flink pak nodig om in 2013 te beginnen aan een gps-horloge plus app waarmee ouders hun kleintjes overal kunnen vinden en berichtjes zenden. Het was de tijd dat Pebble, Apple en de rest nog worstelden om hun smartwatches tot een succes te maken.  Dat die techspelers nog niet toe waren aan de kindermarkt, was duidelijk. Dat de gemoedsrust van ouders een goede markt oplevert, ook. Maar als gewezen horecaman en tv-regisseur een high-tech startup beginnen? Regter had en heeft lef.

Prototype in 2014

En hij beschikt, met zijn team, over doorzettingsvermogen. De crowdfundingcampagne voor Kidswatcher was een hit en over media-aandacht had het sympathieke kinderhorloge nooit te klagen. Maar de ontwikkeling van concept tot goed werkend product bleek een taaie klus. Al in de zomer van 2014 kon Sprout een prototype testen dat prima oogde en ook deed wat het beloofde te doen: je kinderen overal en altijd vindbaar maken via de bijbehorende app. Daarvoor bevatte de Kidswatcher een gps-chip en een zelfstandige gsm-verbinding, een huzarenstukje dat de meeste andere smartwatches niet kunnen nadoen.

Zie ook: Sprout test de VanMoof Electrified S

Opnieuw ontworpen

Maar een gps-kinderhorloge moet robuust zijn, prettig draagbaar en onder alle omstandigheden snel verbinding kunnen maken met een smartphone. Omdat het oorspronkelijke ontwerp niet aan al die eisen voldeed, werd besloten de Kidswatcher helemaal opnieuw te ontwerpen. Bijna twee jaar later heeft Sprout daarom een horloge in handen dat in weinig meer lijkt op de oer-versie. Zelfs de naam van de Kidswatcher is anders: we hebben het nu over de Kigo Watch. (Watcher Enterprises heeft inmiddels ook een gps-alarm voor senioren op de markt: de Vlinder) De doelgroep blijft hetzelfde: (ouders met) kinderen van 5 tot en met 10 jaar.

Gps, GSM én Wifi

De Kigo oogt slanker dan zijn voorganger, mede doordat de batterij is weggewerkt in het polsbandje. Het schermpje is nu even kleurrijk als de polsbandjes, en de techniek maakt niet alleen via 2G, maar ook via 3G en wifi een dataverbinding met mobiele netwerken – belangrijk om ook in andere landen je kind te kunnen opsporen. De bediening blijkt eenvoudig genoeg om een 8-jarige (het testpanel groeide mee met Sprout) zonder veel uitleg aan de slag te helpen. Misschien nog belangrijker: het is hartstikke leuk om pappa of mamma een berichtje te sturen. Goed als technologie ook uitnodigt om haar te gebruiken.

Plaatjes sturen

De berichtjes bestaan uit niets meer dan duidelijke plaatjes. Pappa of mamma starten hun app, die als Loox ook zijn eigen maam heeft gekregen, en maken binnen redelijke tijd verbinding met de Kigo, die zijn locatie en (hopelijk ook) die van het kind doorgeeft op de kaart. Dat kost soms minuten, en is - als het horloge bijvoorbeeld in een gebouw is - niet echt tot op de meter nauwkeurig.

Maar zodra de verbinding er is, kan naar believen boodschappen worden verstuurd als 'thuis komen' (een huisje), 'eten' (een pan), 'naar school' (een schooltas) of 'naar bed' (een maan en sterren).  Kindlief kan reageren met een duimpje voor akkoord. En, omdat het leven vol gevaar is, zowel kind als ouder (of wie de kleine maar volgt via de app) hebben een alarmknop om elkaar onmiddellijk op te kunnen zoeken.

Werkt wereldwijd

De Kigo werkt, wereldwijd zelfs, en dat is een formidabele prestatie voor een startup die ondanks meerdere crowdfundingcampagnes en bijdragen van angel investors toch met heel bescheiden middelen een technisch ingewikkelde klus heeft moeten klaren. Maar als we dat even vergeten en de Kigo afrekenen naar de normen waarmee Samsung, Apple en ook Pebble ons inmiddels hebben verwend als smartwatchdrager, vallen een paar punten op, die voor verbetering vatbaar zijn.

Duurzaam

De Kigo zelf is misschien robuust en waterdicht, maar straalt dat niet uit. De plastic kast oogt wat goedkoop en niet heel duurzaam. Voor het polsbandje geldt dat ook: de gekozen klittenbandsluiting lijkt ook geen lang leven beschoren, al kan alleen een duurtest dat uitwijzen. Je zult de Kigo elke nacht moeten opladen, mede doordat zowel de gps als de gsm-chip stroom vreten. Dat laden zou dankzij het magneetstekkertje (dat kennen we van de Pebble) makkelijk moeten gaan, maar de magneet is zó zwak, dat je heel goed moet opletten dat het stekkertje niet onverhoop losraakt en het kind de volgende dag zonder Kigo naar school moet. 

Loox app

Aan de Loox-app valt verder op, dat het maken van verbinding met de Kigo niet altijd snel en vlekkeloos verloopt. Daar kunnen de makers weinig aan doen: mobiel bereik en zeker gps-functionaliteit zijn binnen gebouwen nu eenmaal beperkt. Hinderlijker is dat de Androidversie van de app zich continu op de voorgrond meldt als de gebruiker een andere app start. De iPhone-app heeft de meeste aandacht gekregen wellicht, maar het bugje is te verhelpen met de updates die de Loox-app regelmatig krijgt.

Concurrent: de smartphone

De Kigo doet met enige goede wil prima wat hij moet doen, mits je de discipline kunt opbrengen hem dagelijks op te laden en met je kind afspraken maakt over het dragen en het gebruik van het vrolijke horloge. De hamvraag – zouden alle ouders hem moeten aanschaffen – is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Zeker in de grote stad geldt: kinderen onder pakweg een jaar of 10 zijn geen ogenblik zonder begeleiding van een volwassene met wie de ouders via Whatsapp of telefoon snel in contact kunnen komen. Vanaf die leeftijd zullen ze zelfstandig hun weg gaan verkennen, maar vindt maar eens een groep-8'er zonder eigen smartphone.


Voor 169 euro is de Kigo verkrijgbaar, best scherp voor een product dat zo kleinschalig is ontwikkeld. Het bijbehorende abonnement op het mobiele netwerk vergt dan wel nog maandelijks 6 euro (Europadekking) of 8 euro (werelddekking).

     

 

 
 

Philip Bueters is redacteur van Sprout.nl en schrijft over ondernemen, innovatie en technologie.