Zo maakt We4Sea zeeschepen groener (en goedkoper)

We4Sea

Startup van de week We4Sea maakt zeeschepen zuiniger met Big Data. Medeoprichter Dan Veen vertelt hoe zijn bedrijf zich stort op 'Efficiency as a Service' en rederijen overhaalt om data te delen.

Wat is We4Sea?

We4Sea maakt zeeschepen efficiënter door precies in kaart te brengen hoeveel zij verbruiken. Efficiëntie kan rederijen een hoop geld schelen; zij betalen miljoen euro’s per jaar aan brandstof. Zo’n beetje de helft van de kosten van een schip gaat er aan op.

WeSea is in essentie een databedrijf, zegt medeoprichter Dan Veen. “Wij verzamelen data over hoe schepen varen en volgen hun reis over de oceaan. Daarbij wordt ook de technologie van het schip in de gaten gehouden; hoe zwaar worden de motoren belast bijvoorbeeld en is het type schroef wel de beste voor dat schip?”

“Wij halen die info naar de wal en koppelen dat met andere databronnen: bijvoorbeeld, wat was de windrichting of golfhoogte? Zo kom je weten waar de energie eigenlijk naar toe gaat.  Ik heb de afgelopen dag bijvoorbeeld 30.000 liter brandstof verbruikt, maar hoe komt dat? Je moet de omstandigheden kennen om te weten of iets goed is of niet.”

Vergelijk het met de slimme thermostaat Toon, zegt Veen. “Daardoor zie je precies hoeveel energie er naar de koelkast of tv gaat. Soms schrik je en kun je dankzij die informatie uitrekenen wat het scheelt als je een andere koelkast zou kopen.”

In het verleden was het op afstand meten zoals We4Sea dat doet praktisch onhaalbaar, legt Veen uit, vooral omdat communicatie duur was. Maar door komst van meer satellieten wordt het mogelijk om het betaalbaar dagelijks metingen te doen en zijn steeds meer schepen zijn ‘connected'.

De belangrijkste missie van We4Sea is het vergroenen van de scheepvaart. Zo is de luchtkwaliteit van Rotterdam lager door de scheepvaart, waardoor de mensen die daar wonen ook een lagere levensverwachting hebben. Maar er zijn nog amper regels qua uitstoot, zegt Veen. Daardoor is de hoeveelheid zwavel in scheepvaartbrandstof bijvoorbeeld 3500 keer zo hoog als in auto's.

“Omdat rederijen zulke vieze brandstof mogen gebruiken, gebeurt dat ook - the bottom of the barrel wordt dat genoemd. Maar de regels zullen worden aangescherpt, waardoor de kosten per kuub (1000 liter, red.) flink stijgen. Ons ultieme doel is dat we over 3 jaar 1 miljoen ton CO2 hebben bespaard.”

Wie zitten er achter?

Oprichters Dan Veen en Michiel Katgert leerden elkaar kennen bij onderzoeksinstituut TNO, waar zij samenwerkten aan een Europees project over big data en het verhogen van de efficiëntie van schepen. Bij TNO zagen zij ook wat er gebeurde bij auto's, als een soort rijdende databronnen, en dat dit in de maritieme industrie nog niet werd toegepast. “Wij vonden het zonde dat er - zoals wel vaker - in de praktijk niks gebeurde met de uitkomsten van zo’n onderzoek.”

De twee schreven besloten zich vorig jaar in te schrijven bij Venture Scan, een project van TNO waar je als onderzoeker je idee kan pitchen om er een bedrijf van te maken. Na het winnen van dat project kregen zij ook een plek bij het door Yes!Delft gerunde groeiprogramma Port Innovation Lab. Toen ook die fase succesvol werd afgerond zegden de twee hun baan op en gingen fulltime voor We4Sea. “We worden ontzettend blij van het ondernemerschap, vooral de combinatie van duurzaamheid en een gezond bedrijfsplan.”

Wie zitten er op We4Sea te wachten?

De startup mikt vooral op enkele duizenden kleinere rederijen met tussen de 10 en de 70 zeeschepen. Veen: “De Maersks van deze wereld zijn zo groot dat ze het zelf willen doen en geen data willen delen. Maar de kleinere spelers worden qua informatie nog ouderwets gemanaged, zonder monitoring of data-uitwisseling tussen schepen. Daar kunnen wij veel toegevoegde waarde hebben, vanaf '0' monitoren en veel impact maken.”

Voor de rederijen is het delen van data nog wel wennen. ‘Wij varen al 30 jaar, je hoeft ons niet te vertellen hoe we moeten varen’, is een veelgehoorde reactie volgens Veen. “Daar prikken wij doorheen.”

Uiteindelijk wil We4Sea een ‘feedbackloop’ met scheepsontwerpers en fabrikanten van apparatuur zoals motoren en schroeven. “Wat werkt er goed? Die fabrikanten kun je helpen bij verkopen van hun product. Een klant wil immers weten wat zo’n schroef bespaart.” In dat opzicht loopt de scheepvaart nog achter op auto’s en vliegtuigen. Belangrijke reden is dat elke zeeschip min of meer uniek is; de grootste ‘series’ bestaan uit 5 exemplaren.

Op den duur zou We4Sea ook kunnen aanhaken bij de opkomst van zelfvarende schepen, maar zo ver is het voorlopig nog niet. “We zijn goed gepositioneerd. maar zoiets is niet binnen 4 jaar geregeld. Dat komt vooral omdat regels op VN-niveau moeten worden afgestemd, oftewel eerst moeten 190 landen het eens worden.”

Wat is het verdienmodel?

Software as a Service (SaaS): gebruikers van We4Sea betalen een maandelijks abonnement. “We gebruiken zelf de term Efficiency as a Service.”

Er zijn 3 abonnementen. Het meest basic is het dashboard met monitoring. Dat kost 10 euro per dag per schip. Daarnaast is er analyse, waarbij We4Sea meekijkt en opvallende dingen signaleert. “Daarnaast kunnen we helpen bij het optimaliseren van het schip. Een soort datagedreven consultancy.”

Hoe ver is We4Sea?

We4Sea heeft de eerste 6 (betalende) rederijen aan boord, waaronder de Rijksrederij, eigenaar van 110 schepen. Die organistatie draait momenteel een proef om te bepalen of de technnologie van We4Sea ook op hun patrouilleschepen tot brandstofbesparing kan leiden.

Bij een van de eerste projecten werd 20 procent brandstof bespaard, zegt Veen. “We hebben geanalyseerd wat ze technisch moesten aanpassen. Dat was een investering, maar ze zijn van 10.000 liter naar 8.000 liter per dag gegaan.” Gebaseerd op 400 à 500 dollar per 1000 liter spaart dat schip jaarlijks 240.000 dollar aan brandstofkosten. “En dat is nog een relatief klein schip.”

Dankzij Port Innovation Lab leerden Veen en Katgert de ceo’s van het Havenbedrijf Rotterdam en Amsterdam kennen. Dat soort contacten blijken essentieel bij het introduceren van het concept bij rederijen. “Wat we in het begin een beetje fout deden, was dat we naar de techneuten gingen. Daar hebben we veel tijd mee verspeeld. Je moet pitchen bij de eindverantwoordelijke voor de financiële resultaten.”

Nog geld nodig?

De startup haalde het eerste kapitaal voor de eerste maanden op bij een aantal angels. “We zijn nu aan het kijken naar financiering om meer sales te kunnen doen. Zodat we kunnen uitrollen van naar andere grote maritieme landen zoals Duitsland, Denemarken en Noorwegen.”

En er is geld nodig voor productontwikkeling, waarmee We4Sea ook een soort ‘TomTom op zee’ kan worden. “Zodat je een reis kan plannen van Rotterdam naar Hamburg bijvoorbeeld, welke route en snelheid daarbij het meest efficiënt zijn en welke emissies daarbij komen kijken. Die uitstoot is ook van belang voor de IKEA’s van deze wereld, die willen weten hoe hun CO2-footprint eruit ziet.”

Volg ons ook op Twitter en Facebook

Tips? Mail redactie@sprout.nl