Startups worden gedwarsboomd door protectionisme, het roer moet om

Startup

Hoe maken we het voor ondernemingen makkelijker om internationaal te groeien? Zorg dat handelsbarrières tussen landen zo snel mogelijk worden afgeschaft, zegt Guillaume Princen, Head of Continental Europe, Stripe.

Door Guillaume Princen, Head of Continental Europe bij Stripe

We hebben het misschien niet direct door, maar er is een zorgelijke trend gaande: overheden over de hele wereld beginnen weer economische barrières op te werpen, van importheffingen tot belastingmaatregelen en van nieuwe regelgeving tot immigratierestricties. Deze ontwikkeling vormt een bedreiging voor de meest veelbelovende banenmotor in onze economie en beperkt de mogelijkheden van zowel grote als kleine organisaties om internationaal zaken te doen en te groeien.

De voorstanders van dergelijk beleid claimen dat dit goed is voor de nationale economie en doen tegengeluiden af als het eigenbelang van multinationals en van ‘big tech’ bedrijven die er alleen op uit zijn om hun eigen winst te beschermen. Maar die claim is gebaseerd op het idee dat alleen grote organisaties hebben geprofiteerd van de globaliseringsgolf. Ooit was dit misschien het geval. Bij ‘multinational’ denken we meteen aan megabedrijven zoals Unilever, Philips en Shell.

Maar de afgelopen decennia heeft de ontwikkeling van het internet dit idee achterhaald. Onder andere omdat online tools en diensten de traditionele barrières overwinnen waar startups vroeger mee te maken kregen als ze internationaal zaken wilden gaan doen. Neem bijvoorbeeld het Nederlandse TicketSwap, dat met een klein team succesvol klanten uit de hele wereld bedient en blijft groeien.

De opkomst van de ‘Global Natives’

Deze ontwikkeling heeft geresulteerd in een nieuwe generatie ‘Global Native’ ondernemingen die niet passen bij onze achterhaalde definitie van een ‘multinational’. Recent onderzoek van Stripe laat zien dat wereldwijd 70 procent van de online ondernemingen nu buiten hun thuismarkt actief is. Sommigen zelfs al vanaf dag één.

En hoewel de aantallen verschillen per land – zo is in de VS minder dan de helft (45%) van de online ondernemingen internationaal actief vergeleken met ruim drie kwart (76%) in Nederland – liggen ze aanzienlijk hoger dan de internationale activiteiten van de wereldeconomie als geheel.

Banenmotors

Global Native-ondernemingen zijn op dit moment zonder twijfel de belangrijkste banenmotors. Er is lang geroepen dat kleine ondernemingen de ruggengraat van de economie zijn. Maar als we de data nader bekijken, blijken het vooral de startups te zijn die zorgen voor de banengroei. Zoals in een onderzoeksrapport van de Kaufmann Foundation wordt gezegd: ‘Startups zijn niet slechts het belangrijkste als het gaat om banengroei – ze zijn de enigen die tellen.’

Het onderzoek van Stripe wijst uit dat bij online ondernemingen die al vroeg in hun bestaan internationaal gaan, nieuwe banen 15% sneller worden gecreëerd dan bij bedrijven die dat niet doen. En deze online startups zorgen niet alleen voor banen, maar zijn belangrijk voor de algemene economische groei: ondernemingen die al in het eerste jaar van hun bestaan internationaal gingen zakendoen, zagen hun omzet gemiddeld 141 procent sneller groeien dan bedrijven die dit pas in een later stadium deden. Het een vloeit weliswaar niet direct voort uit het ander, maar het geeft wel te denken.

Toenemende barrières tegen internationaal zaken doen

Maar of het nu gaat om een zzp’er of een snel groeiende startup, deze nieuwe economische motor dreigt nu flink afgeremd te worden door het toenemende protectionisme. Twee op de vijf online ondernemingen zegt dat het nu moeilijker is om internationaal zaken te doen dan vijf jaar geleden. En volgens een derde maken importheffingen, belastingen en protectionisme het moeilijker om internationaal te groeien.

Bovenaan de lijst met zorgen is vaak het immigratiebeleid te vinden. De expertise van buitenlandse kenniswerkers is essentieel bij het bouwen van een succesvolle internationale onderneming. Maar de toenemende restricties die landen over de hele wereld opleggen op de immigratie van buitenlandse werknemers maken het aantrekken van internationaal talent moeilijker in plaats van makkelijker.

Nederland doet het wat dat betreft redelijk goed, maar toch zijn er nog zeker zaken die beter kunnen. Een recent onderzoek door Regioplan dat heeft gekeken naar de aantrekkelijkheid van Nederland voor kenniswerkers, komt dan ook met een aantal aanbevelingen waar de overheid iets aan zou moeten doen. Denk aan de complexe belastingaangifte in ons land en een soms gebrekkige informatievoorziening.

Ook duren de procedures die zowel bedrijven als hun buitenlandse kenniswerkers moeten doorlopen om hier legaal te mogen werken en wonen, te lang en zijn overdreven ingewikkeld. Verder vinden kennismigranten onder de 30 jaar vaak dat de salariseisen om voor een vergunning in aanmerking te komen, aan de hoge kant zijn. En juist dit zijn de kenniswerkers waar jonge, snel groeiende ondernemingen om staan te springen.

Het roer moet om

De nieuwe generatie Global Native-bedrijven representeren een enorm groeipotentieel. En ze kunnen dit jaar een extra belangrijke rol gaan spelen, nu belangrijke economieën, van Azië tot Noord Amerika, mogelijk aan de vooravond van een nieuwe recessie staan. Maar net nu technologie het steeds makkelijker maakt voor deze ondernemingen om internationaal te groeien, zien we dat overheden nieuwe barrières opwerpen in de vorm van importtarieven, regelgeving en langdurige immigratieprocedures.

Willen we onze huidige economische groei vasthouden, moet het roer om. De handelsbarrières tussen landen en gebieden moeten zo snel mogelijk worden afgeschaft, wet- en regelgeving moeten drastisch vereenvoudigd worden en het moet voor groeiende online ondernemingen makkelijker worden om kenniswerkers uit het buitenland aan te trekken. Alleen als we daarin slagen, kunnen we het BNP van het internet vergroten en economische welvaart bieden aan mensen overal ter wereld.

Lees ook: Stripe helpt HousingAnywhere verder te groeien