Deze Nederlandse vluchtelingen-startup krijgt 30k van Uber

Met hun startup Open Embassy wonnen Renée Frissen en Ahmad Kabakibi woensdag in Jordanië een internationale wedstrijd voor ondernemers die werken met vluchtelingen. Dankzij de geldprijs van taxibedrijf Uber kan het duo zijn vraagbaak voor statushouders nu internationaal gaan uitrollen.

Als medewerker bij social venture-incubator Instituut voor Publieke Waarden en als vrijwilliger in een noodopvang voor vluchtelingen in Amsterdam ontdekte Frissen dat er veel aandacht en hulp is voor asielzoekers. "Maar als mensen eenmaal een status kregen was het van: 'Je mag blijven, succes ermee'. Er is weinig om die mensen te helpen bij het bouwen een nieuw leven."

Om die statushouders - dit jaar komen er naar verwachting 50.000 bij - sneller en beter te kunnen laten integreren besloot ze om samen met de uit Syrië gevluchte programmeur Ahmad Kabakibi een online vraagbaak op te richten: Open Embassy. Via dat platform worden vragen van statushouders verzameld en via een-op-een-chatrooms gekoppeld aan een van de enkele honderden vrijwilligers. Die helpen bijvoorbeeld bij een zoektocht naar een baan of studie.

Uber

Afgelopen zomer meldde het ondernemersduo zich, samen met ruim 1600 anders startups, aan voor Innovate for Refugees, een wedstrijd van de Amerikaanse tech-universiteit MIT. De finale was deze week in Jordanië. Frissen, die zich nota bene op de laatste dag voor de deadline aanmeldde, kwam tot haar grote verrassing na twee rondes als winnaar uit de bus.

"Ongelofelijk", zegt ze, nog steeds onder de indruk. "Er waren echt zo veel goede startups." Open Embassy profiteert op twee manieren van die prijs, legt zij uit. Ten eerste is er 30.000 euro cash. Dat geld is afkomstig van Uber, dat in augustus de opbrengst van taxiritten in 4 steden in het Midden-Oosten reserveerde voor deze prijs.


Renée Frissen pitcht Open Embassy in de Jordaanse hoofdstad Amman.

Samen met een gift van het SIDN fonds hebben Frissen en Kabakibi nu 100.000 tot hun beschikking. Dankzij het winnen van de prijs kwamen zij daarnaast in contact met een grote NGO (die Frissen nog niet kwam noemen), die het concept van Open Embassy in heel Europa wil uitrollen. Ook overheden in het Midden-Oosten hebben interesse getoond.

Verdienmodel

Frissen noemt Open Embassy een social venture, een bedrijf dus. "Mensen van onze generatie begrijpen dat je juist met verdienmodellen meer impact kunt maken. Dan kun je groeien en investeren en meer mensen bereiken. En je bent niet afhankelijk van giften."

De vraag die zij daardoor af en toe krijgt is of je wel geld zou willen verdienen aan vluchtelingen. Maar daar zit niet het business model, legt zij uit. Dat zit bij de partijen, vooral lokale overheden, die nu met weinig informatie beleid moeten maken. "Het is bizar", zegt Frissen. "Er wordt bijna geen onderzoek gedaan naar hoe mensen succesvol integreren. Wel achteraf, maar veel beleid wordt ontwikkeld op een soort onderbuikgevoel."

Database

Open Embassy verzamelt alle vragen en antwoorden in een geanonimiseerde database. "Daardoor krijgen we inzicht in integratieprocessen. Wat zijn bijvoorbeeld de verschillen tussen jong en oud? Welk type vragen worden er gesteld? Die kennis geven we terug aan de community. Maar we kunnen die data ook terugvoeren aan andere partijen zoals gemeenten, die daardoor beter beleid kunnen maken."

Over twee maanden streeft Open Embassy naar 1000 (anonieme) 'datapunten', zoals het type vraag, de antwoorden, en de leeftijd en stad van een statushouder. "Daar kun je een analyse op loslaten. In eerste instantie is dat een kwestie van handmatig kijken welke patronen er zijn. Die patronen moeten worden gelabeld, bijvoorbeeld op het gebied van werk of opleiding. Zo ontstaan categorieën en kun je een algoritme ontwikkelen dat die data vanzelf herkent."

Eindhoven heeft zich aangemeld als eerste pilot-gemeente, en Open Embassy is nu in gesprek met nog eens 4 andere gemeenten.

Zie ook: Deze ondernemers doen iets voor vluchtelingen

Redacteur Sprout.nl. Email: maarten@sprout.nl