Met deze stappen pas je design thinking toe

Design thinking is het helemaal, als we menig Silicon Valley-onderneming mogen geloven. Dertig procent van hen zou denken als een designer. Maar hoe doe je dat precies? Wij geven je een stappenplan.

Design thinking neemt een vlucht in managementland, maar wat houdt het nu precies in? Afgelopen week doken we met Sprout in deze innovatietechniek. We spraken met Silicon Valley-professor Michael Shanks, die een pleitbezorger is van design thinking. Het verhaal kun je hier teruglezen. Hieronder geven we je nog eens de basics van design thinking, in een overzichtelijk stappenplan.

1. Empathy

Wie als een designer denkt, gaat niet uit van zijn of haar eigen expertise, maar denkt vanuit het gevoel: hoe voelt de gebruiker zich over het product? Houd bijvoorbeeld diepte-interviews met gebruikers, of met werknemers. Door zo'n kwalitatieve benadering leer je meer over je product.

Klein voorbeeldje: een -fictief - bedrijf haalt weinig omzet uit zijn webshop. Het besluit met een diverse groep aan gebruikers het gesprek aan te gaan.

2. Define

Je hebt de diepte-interviews erop zitten, dus je bent er nu klaar voor om vast te stellen wat het probleem is. In het voorbeeld blijkt dat gebruikers de website ingewikkeld blijken te vinden.

3. Ideate

Vervolgens ga je op zoek naar oplossingen voor het probleem. In het voorbeeld kom je dus nu met ideeën om de website eenvoudiger te maken voor gebruikers. Probeer met vijf oplossingen te komen. Bijvoorbeeld: een uitleg-menu'tje, een simpelere lay-out, minder verborgen opties op de home-page en ga zo maar door.

Bespreek de oplossingen met het team, en bekijk op gedetailleerd niveau welke ideeën de moeite waard zijn om te implementeren. Doe het in groepsverband, met de ceo en developer als gelijke broeders naast elkaar. Teken je plannen uit, zodat je ze goed kunt visualiseren.

4. Prototyping

Wanneer jullie tot aardige ideeën zijn gekomen, kun je een prototype ontwikkelen van een oplossing. Pas in het geval van de website dus de versimpelingen toe, waarover het team het eens is. Bijvoorbeeld: een eenvoudigere, meer overzichtelijke lay-out.

5. Test

Een product is nooit klaar, stellen bedrijven die design thinking toepassen. Blijf daarom altijd testen. De onderneming die een probleem had met zijn webshop gebruikt bijvoorbeeld A/B-testen om te toetsen welke versimpelingen van de website zorgen voor meer conversie, en welke niet. 

Volg ons ook op Twitter en Facebook

Tips? Mail redactie@sprout.nl

Hoe prins Constantijn een Zweedse prins overhaalde om naar The Next Web te komen

Prins Constantijn

Hoe prins Constantijn een Zweedse prins overhaalde om naar The Next Web te komen

Startup-boegbeeld prins Constantijn overtuigde de Zweedse ondernemende prins Daniel om naar Nederland en The Next Web te komen, vertelt hij tegen Sprout. ‘We moeten ons als Nederland veel beter verbinden met wat ze in Scandinavië doen.’

Deze week opende Epicenter, een Zweedse hub voor groeibedrijven en creatieven, een locatie in Amsterdam. Tegelijk met die opening werd een heuse ‘Summit’ belegd met onder anderen minister Mona Keijser. De Summit ging over de samenwerking tussen de startup-ecosystemen van Zweden en Nederland. Uitgangspunt: beide landen hebben een krachtig startup-ecosysteem (volgens laatste Genome-rapport allebei in de top 5), maar een relatief kleine thuismarkt. Om echt mondiaal leidende landen te worden, is samenwerking op vele fronten nodig.

Bij de opening van Epicenter was ook StartupDelta-boegbeeld Constantijn van de partij. Toen hij hoorde over de komst van Epicenter belde hij direct zijn collega-prins Daniel, vertelt hij aan Sprout. Daniel is in Zweden een bekende promoter van ondernemerschap, waarbij hij onder meer optrekt met Spotify-oprichter Daniel Ek. 

Opbellen

Prins Daniel runde als ondernemer sportscholen, voordat hij trouwde met de Zweedse kroonprinses Victoria. Als startup-ambassadeur gaat hij scholen af met ondernemers zoals Ek en de oprichters van Skype. Toen Constantijn hoorde van de Zweedse delegatie die naar Amsterdam kwam, belde hij Daniel op. “Ik zei, waarom ben jij er eigenlijk niet bij?” De Zweedse prins zei dat hij dat eigenlijk niet van plan was, en zich wilde beperken tot één buitenlandse reis per jaar, ditmaal de laatste editie van techfestijn Slush. Constantijn: “Ik zei waarom kom je niet hier naartoe, dan kun je ook naar naar The Next Web komen, dat is minstens zo’n goeie conferentie als Slush.” 

Samenwerken

Samenwerken met een land als Zweden heeft alleen maar voordelen, wat Constantijn betreft: “Hoe beter je verbonden bent, hoe relevanter je bent. Zweden loopt binnen Europa behoorlijk voorop. In ieder geval wat betreft venture capital en unicorns. Wij hebben twee keer zoveel startups als de Zweden, zij hebben twee keer zoveel kapitaal en unicorns, dus wij kunnen van hen leren wat betreft schalen. Zij kunnen weer leren van de breedte van ons programma, zij hebben bijvoorbeeld geen StartupDelta. We kijken ernaar of dat ook interessant is voor hun.”

Naschrift: Sprout had op The Next Web ook een interviewafspraak met Daniel, maar de Zweedse prins besloot zelf op het laatste moment alle interviews af te zeggen. Hij wilde zich volledig concentreren op de sessies. 

Redacteur Sprout.nl. Email: maarten@sprout.nl

Elektrische auto's vergelijken is een hel, deze startup wil dat oplossen

Mountox, Maurice van der Ende, Roel van der Ende

Broers Roel en Maurice van der Ende willen met Startup van de week Mountox hét platform voor elektrisch rijden worden. 'Veel mensen kennen de werkelijke kosten van hun auto niet.'

Wat is Mountox?

Mountox wil hét startpunt zijn voor iedereen die op zoek is naar een (volledig) elektrische auto. Het kiezen van een nieuwe auto is normaal gesproken al niet makkelijk, laat staan als je overweegt om over te stappen op eentje met batterijen. Welke heeft de beste actieradius? Welke levert de meeste besparing op? Welke is zakelijk het meest interessant? Om een goede vergelijking te maken, moest je tot nu toe meerdere informatiebronnen raadplegen. Mountox wil alle nuttige informatie op één platform bundelen.

Ook maakte de startup een bespaarcalculator, waar je in drie stappen kunt berekenen wat een bepaald automodel aan besparingen zou kunnen opleveren. Daarbij worden ook de zakelijke voordelen meegenomen en dat is interessant voor zowel de zakelijke leaserijder als wagenparkbeheerders. “Zakelijk kan een elektrische auto een besparing tot wel 60.000 euro na 8 jaar opleveren”, meent medeoprichter Roel van der Ende. 

Heb je eenmaal een auto uitgekozen, dan kun je via het platform gelijk een proefrit regelen bij een van de aangesloten autodealers of leasemaatschappijen. En als je dan toch bezig bent, dan kan Mountox je ook gelijk helpen met andere producten of diensten die nou eenmaal bij het rijden van een elektrische auto komen kijken. Denk daarbij aan laadpalen en laadpassen, maar ook aan zonnepanelen voor op het dak. 

Wie zitten erachter?

Mountox is opgericht door de gebroeders Roel (23) en Maurice (20) van der Ende. Tijdens het opzetten van het bedrijf studeerden beiden nog. De oudste van de twee is inmiddels afgestudeerd in Werktuigbouwkunde. De jongere broer studeert nog Commerciële Economie in Rotterdam.

De startup komt voort uit frustratie en verbazing. De verbazing komt als eerste. In 2016 raken de twee ervan overtuigd dat de volledig elektrische auto in bijna alle opzichten beter is dan de alternatieven. De broers begrijpen niet waarom er nog zo weinig van rond rijden. Als zij hun ouders ervan overtuigen om een elektrische auto te kopen, komen ze erachter hoe moeilijk het is om de juiste informatie te vinden. Daar komt de frustratie om de hoek kijken.

Nergens komen ze achter het totaalplaatje aan modellen en potentiële kostenbesparingen. “Het enige dat er was, waren talloze net-niet-sites. Het was echt een hel om alle informatie te verzamelen”, herinnert Maurice van der Ende zich. De twee zien een gat in de markt en besluiten om zelf een platform te bouwen, waarop alle informatie samengebracht wordt.

Wie zit er op te wachten?

Mountox richt zich op iedereen die overweegt om zakelijk of privé een elektrische auto te gaan rijden. “Veel mensen kennen de reële kosten van hun auto niet. Zaken als onderhoud, wegenbelasting en zelfs brandstof worden vaak niet meegenomen. Dan lijkt een elektrische auto vaak duur, door de relatief hoge aanschafkosten”, menen de oprichters. Met de bespaarcalculator laat Mountox direct zien of een bepaald model elektrische auto een besparing oplevert ten opzichte van je huidige auto of een ander alternatief. Zo zie je gelijk of een besparing opweegt tegen de aanschaf.

De interesse voor elektrisch rijden zit in de lift en de ondernemers willen potentiële klanten helpen bij die overstap. Dat doen ze niet alleen door alle nieuwe volledig elektrische auto’s op één platform te kunnen vergelijken, maar ook door andere diensten en producten aan te bieden. Ook mensen die op zoek zijn naar laadoplossingen voor de elektrische auto of zonnepanelen op hun dak, kunnen bij Mountox terecht.

Hoe ver is de ontwikkeling?

Het platform ging na een lange ontwikkeling in maart dit jaar live, in eerste vooral gericht op de bespaarcalculator en het goed kunnen vergelijken van de verschillende auto’s. Op korte termijn wil de startup ook nieuwe features lanceren. Zo moet het mogelijk worden om binnen een paar minuten een leasecontract voor een nieuwe auto, zoals de Tesla Model 3, af te sluiten. Of zonnepanelen binnen een paar dagen op je dak te laten monteren, waarbij via Mountox de beste deal kan worden gekozen.

Op dit moment is vooral de zakelijke markt interessant, aangezien daar de grootste besparingen zijn te halen. De oprichters verwachten dat met de komst van een groter aanbod aan elektrische auto’s ook de markt voor consumenten aantrekkelijker wordt en na verloop van tijd kunnen eventueel ook tweedehands auto’s vergeleken worden.

Wat is het business model?

Mountox haalt zijn inkomsten vooral uit commissies van aangesloten bedrijven. Als een klant besluit om via het platform een elektrische auto te kopen of te leasen bij een van de partners, dan ontvangt de startup daar een bedrag voor. Partners kunnen kiezen voor een gratis partnership of een premium versie. In dat laatste geval betalen ze ook een maandelijkse fee. In ruil daarvoor krijgen de premium partners meer advertentie posities op het platform. Hetzelfde business model wordt gebruikt voor aanbieders van bijvoorbeeld laadpalen of zonnepanelen. 

Nog geld nodig?

Op dit moment zijn er nog voldoende middelen beschikbaar om nog even vooruit te kunnen. Kijkend naar de toekomst, verwachten de twee broers dat ze meer techniek en software in huis moeten halen om het bedrijf verder uit te breiden richten hét leidende platform in Nederland voor elektrisch rijden. Ook houden de ondernemers nadrukkelijk rekening met een toekomstige uitbreiding naar andere Europese landen. Voor al die groeiplannen zal vermoedelijk wel extra financiering nodig zijn. 

Meindert Schut is presentator bij BNR Nieuwsradio. Daarvoor was hij adjunct-hoofdredacteur bij die zender. Hij ontwikkelde de online PR-tool Buzzpress waarmee bedrijven makkelijk in contact komen met de media.

Kledingplatform The Next Closet dankzij 1 miljoen euro groeigeld naar Vlaanderen

The Next Closet krijgt een investering van meer dan 1 miljoen euro. Het duurzame kledingplatform lanceert hierdoor vandaag in Vlaanderen een eigen website. ‘We willen heel hard groeien.’

Via online marktplaats The Next Closet kunnen geïnteresseerden designerkleding kopen en verkopen. Het nieuwe groeigeld voor het bedrijf is afkomstig van zowel bestaande als nieuwe investeerders, meldt mede-oprichter Lieke Pijpers (rechts) aan Sprout. Zij runt het bedrijf sinds 2013 met Thalita van Ogtrop.

Onder de nieuwe investeerders vallen ondernemers Janneke Niessen (Improve Digital, Inspiring Fifty), Aletta Stas-Bax (Frederique Constant) en het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland (PDENH). “Dit fonds heeft kortgeleden circulaire economie aan zijn portfolio toegevoegd”, stelt Pijpers. “Wij brengen dit in de praktijk.” 

The Next Closet zal de investering volgens Pijpers gebruiken om “heel hard te blijven groeien”. Vandaag lanceert het bedrijf een Vlaamse variant van zijn kledingplatform. “We willen het modelandschap in de Benelux verduurzamen. Via Vlaanderen kregen we al 20 procent van ons organisch bereik en we zien hier dan ook veel kansen.” Voorlopig opent Pijpers geen kantoor in België. “Wel werken we met Belgische krachten. Ook is een van onze investeerders, Wayne Parker Kent, actief in Vlaanderen. We mogen mensen in hun kantoor in Antwerpen laten werken.”

Pijpers zet een deel van het geld ook in voor het salaris van extra personeel. The Next Closet had 10 fte op de loonlijst staan en dit is nu gestegen naar 15 fte, een toevoeging van met name marketeers en developers. The Next Closet heeft bovendien een nieuwe coo: Gilles van Kooten, die van de bank ABN Amro komt. Past zo’n gesjeesde bankier wel bij het idealistische The Next Closet? “Misschien is dat wel de reden dat ie bij ABN is weggegaan”, lacht Pijpers. “Iedereen die bij ons werkt, deelt onze missie.”

Winstgevendheid is niet ons doel

Vorig jaar verkocht The Next Closet, concurrent van United Wardrobe, vier keer zoveel items als het jaar ervoor. Omzetcijfers wil Pijpers niet noemen, maar wel weet ze te vertellen dat haar bedrijf nog niet winstgevend is. “Dat is ook niet per se ons doel. We willen vooral ons bereik vergroten om duurzame impact te creëren. We willen mensen inspireren om items een nieuw leven te geven. Als we dit jaar weer vier keer zoveel items verkopen, komt winstgevendheid erg dichtbij. Uiteindelijk moet je als gezonde business je eigen broek kunnen ophouden.”

The Next Closet haalde in 2016 ook al eens 1 miljoen op, bij onder meer Wayne Parker Kent en Maarten Beucker Andreae, oprichter van 2ehands.nl.

Jelmer Luimstra is online redacteur voor Sprout, en schrijft over vernieuwende scaleups en startups.

Hoe Swapfiets Nederland massaal aan de huurfietsen helpt

Richard Burger (26, links op foto) en Steven Uitentuis (33, rechts op foto) kleuren de Nederlandse fietspaden blauw met hun huurfietsconcept Swapfiets. De Delftenaren hebben al veertigduizend klanten en willen nu Europa veroveren.

Toen TU Delft-studievrienden Burger, Martijn Obers en Dirk de Bruijn in 2014 een student op een afgeragde fiets voorbij zagen komen, dachten zij: dat kan beter. Ze kwamen op het idee voor een abonnementsmodel voor fietsen. “Je kent de pijn van het zelf kopen van een fiets, deze onderhouden en weer verkopen”, zegt Burger, staand aan een tafel in het ruim opgezette kantoor van Swapfiets in Amsterdam-Zuid. “Dat wilden wij voorkomen.”

Swapfiets
Wat: huurfietsen op abonnementsbasis
Sinds: 2014
Oprichters: Richard Burger, Steven Uitentuis, Martijn Obers en Dirk de Bruijn
Medewerkers: 600 (170 fte)
Omzet: 4,2 miljoen euro (2017)
Winst: onbekend

Al snel voegde Uitentuis zich als laatste oprichter bij het team. De iets oudere werktuigbouwkundige had ervaring bij bulldozerproducent Caterpillar en kon zodoende direct wat senioriteit aan het team toevoegen.

Swapfiets

In januari 2015 lanceerden de vier Swapfiets, een bedrijf waarbij klanten voor 15 euro per maand - en voor studenten 12 euro per maand - een fiets kunnen huren. Bij beschadigingen zoals een lekke band, komt het Swapfiets-team hoogstpersoonlijk langs om de fiets te repareren. Wordt 'ie gestolen, dan is de huurder 40 euro kwijt, maar wil deze van het huurcontract af, dan kan dat al binnen één maand.

Producten verhuren in plaats van verkopen is duurzamer, denken de ondernemers. Het is immers in het belang van verhurende bedrijven dat zij hun producten zo lang mogelijk mee laten gaan. Heel wat anders dus dan de wegwerpcultuur die we de laatste decennia zagen in het bedrijfsleven.

Zeshonderd medewerkers

Aanvankelijk begonnen de ondernemers met veertig fietsen, die ze op Marktplaats op de kop tikten. In een kleine loods bouwden ze die om tot de eerste versies van de Swapfiets. Tegenwoordig werken ze voor hun productie samen met fietsbedrijf en PON-dochter Union. Afgelopen week doorbroken de ondernemers de grens van veertigduizend gebruikers, die ze verzamelden in talloze Nederlandse steden en sinds kort ook België en Duitsland. Swapfiets heeft al zeshonderd medewerkers op de loonlijst, verdeeld over 170 fte. Volgens Burger zou het gaan om veel uitzendkrachten.

Studenten zijn hun focusdoelgroep, legt Burger uit. Toch krijgen het bedrijf ook steeds meer aanvragen van niet-studenten. “In steden als Amsterdam en Den Haag is 60 procent van onze klanten bijvoorbeeld geen student. Vanochtend zag iemand uit ons team zelfs vier mensen in pak op een Swapfiets naar de Zuidas fietsen.” Uitentuis: “Onze oudste klant is trouwens 83 jaar.”


Alle fietsen van Swapfiets hebben een herkenbare blauwe voorband. “Het blauw komt van Delfts blauw.”

Blauwe voorband

Via mond-tot-mond-reclame krijgen we 80 procent van onze klanten

Herkenbaarheid is een belangrijke factor voor het succes van de Swapfiets. Alle huurfietsen zijn voorzien van een blauwe voorband en vallen hierdoor meteen op. Vooropgezet plan? Burger: “Het is een beetje een toevalligheid. We wilden gekleurde fietsbanden, zodat klanten hun fietsen gemakkelijk terug konden vinden. Telkens twee banden vervangen vonden we veel werk, dus werd het alleen de voorband. Als je een groepje van vijf mensen hebt met één Swapfiets-bestuurder, vragen mensen zo iemand al snel: ‘Wat heb jij nou voor gekke band?’ Zo ontstaat mond-tot-mond-reclame, wat goed is voor 80 procent van onze nieuwe klanten.” Uitentuis: “Het blauw komt trouwens van Delfts blauw.”

Toch, 15 euro per maand is nogal wat. Voor 100 euro een tweedehands fiets op de kop tikken die jaren meegaat, is toch veel goedkoper? Zou kunnen, meent Uitentuis, “maar je moet ons meer zien als een servicebedrijf. Klanten betalen een abonnement om zeker te zijn dat ze weg kunnen. Wij regelen het onderhoud.” Gebruikers die een lekke band hebben, kunnen bellen of appen naar Swapfiets, dat binnen 12 uur een reparateur naar de fiets stuurt. Toch niet erg snel. Burger: “Maar het alternatief is naar de fietsenmaker gaan. Dat kost geld en je bent je fiets vaak een dag kwijt.”

Swapfiets speelt slim in op de trend onder millennials om maandelijks opzegbare abonnementen af te sluiten. Ergens jarenlang aan vastzitten, past niet bij de continu veranderende levens van jonge mensen, is het idee. Burger: “Veel mensen komen Swapfiets een maand uitproberen. Ze melden zich aan en krijgen de volgende dag al een fiets. Handig, denken ze en zo proberen ze het nog eens een maandje. Als ze eens een ochtend een lekke band hebben, staat er ‘s middags een nieuwe fiets. Door dat soort dingen blijven ze uiteindelijk bij ons.”

Spotify-abonnement

Ons product lijkt op een Spotify-abonnement

Uitentuis vergelijkt zijn product met een Spotify-abonnement. “Dit is gewoon een ander product in die range. Bovendien zijn onze fietsen eerlijk. Dat kun je van tweedehands fietsen niet altijd zeggen.”

Doordat Swapfiets de gehele keten van ontwerpen, produceren en verhuren in eigen hand houdt, denkt Uitentuis extra op de kwaliteit te kunnen letten. “Feedback van klanten vindt zijn weg uiteindelijk naar de tekentafel. Hierdoor worden onze fietsen ieder jaar een beetje beter. Zo hadden we in het begin nog lampjes met batterijen, terwijl we nu geen batterijen meer nodig hebben.” Burger: “In het begin kregen we geregeld fietsen met een slag in het wiel, waardoor we nu extra stevige velgen gebruiken.”

Swapfiets werkt samen met een investeerder. Wie deze investeerder is en wat hij of zij in Swapfiets heeft gestoken, mogen de ondernemers niet bekendmaken. Volgens Burger gaat het om iemand die investeert in “duurzame mobiliteitsondernemingen”. Door het groeigeld konden de ondernemers in ieder geval sneller opschalen. Zo ging Swapfiets van Delft naar Leiden en vervolgens naar Nijmegen, Groningen en talloze andere steden. De ondernemers maakten een lijstje met honderd potentiële fietssteden in Europa en zijn die nu aan het afwerken. Het lijstje reikt tot Griekenland en Bulgarije.


Studenten vormen de primaire doelgroep, maar Swapfiets verwelkomt ook steeds meer niet-studenten als klant.

Telkens als ze naar een nieuwe stad gaan, openen de ondernemers een distributiecentrum voor de fietsen. Eén lokale medewerker zorgt ervoor dat Swapfiets goed gepromoot wordt in de nieuwe stad.

E-bikes

Studenten vormen in iedere stad de primaire doelgroep, waarna de ondernemers vervolgens ook oudere geïnteresseerden binnenhengelen. Voor hen zijn ook andere producten mogelijk, merkten de ondernemers bovendien. Zo hebben ze sinds kort een luxere fiets in de aanbieding voor 19 euro per maand en doet Swapfiets experimenten met een e-bike-abonnement voor 72,50 euro per maand. De eerste honderd abonnees hebben zich volgens Uitentuis al aangemeld.

Hoe duurder het product, hoe meer inkomsten Swapfiets krijgt. Een slim businessmodel, want de studenten van nu worden vanzelf de mannen in pak op de Zuidas.

Jelmer Luimstra is online redacteur voor Sprout, en schrijft over vernieuwende scaleups en startups.

Elke ochtend...

X
het belangrijkste ondernemernieuws in jouw mailbox? Gegarandeerd Sprout-stijl!