Zo krijg je meer grip op je reiskosten

mobiliteitsplan maken

Steeds meer klanten en opdrachtgevers eisen dat je duurzaamheid serieus neemt. Een mobiliteitsplan is een goed middel om een eerste stap in die richting te zetten. Extra voordeel: je krijgt hiermee veel meer grip op je reiskosten.

Zakelijke reizen bedraagt vaak meer dan 25 procent van je bedrijfs-CO2-footprint. Daarnaast kost alleen al het woon-werkverkeer gemiddeld 5 procent van het nettoloon. De kosten van de verloren reistijd niet eens meegerekend.

Een mobiliteitsplan kan je daarom veel opleveren. “Voor bedrijven met meer dan 100 werknemers is het trouwens wettelijk verplicht”, zegt Stefan Romijn, adviseur van Stimular, een Rotterdamse stichting die MKB-bedrijven helpt duurzaam te ondernemen. Hij geeft tips om zo’n mobiliteitsplan op te zetten.

#1. Maak een nulmeting

Aan de hand van je personeelsbestand en de reiskostenvergoedingen kun je eenvoudig een nulmeting maken. Zoek uit waar je werknemers wonen en hoe ze reizen. En check wat je per werknemer kwijt bent aan (lease)autokosten, OV-kaarten of kilometervergoedingen.

Houd daarnaast een eenvoudige enquête onder je personeel waarin je vraagt waarom ze zo reizen en of ze bereid zijn hun gewoonten te veranderen. Romijn: “Misschien moet iemand wel met de auto vanwege een zieke partner. Dan kun je daar rekening mee houden.” Ander voordeel van een enquête is dat men weet dat er iets gaat veranderen.

#2. Werk je mobiliteitsplan uit

Analyseer (liefst samen met personeelszaken) de gegevens van de nulmeting. Kijk vooral naar leaseauto’s die eigenlijk alleen voor woon-werkverkeer worden gebruikt en bijvoorbeeld naar werknemers die heel dichtbij wonen en toch met de auto komen.

”Je kunt nu in de vorm van een mobiliteitsplan een ideaal plaatje maken en dat tegen de huidige nulmeting aanhouden. Werknemers die in een straal van 15 kilometer van kantoor wonen, kunnen gaan fietsen. Mensen die ver weg wonen, kunnen verhuizen of vaker thuiswerken. En het aantal leaseauto’s dat de hele dag stilstaat, kun je afbouwen.”

Romijn waarschuwt dat je per werknemer een alternatief reisplan moet kunnen aanbieden, anders krijg je geen draagvlak voor de veranderingen. Verban ook niet rigoureus de (lease)auto, maar stel alternatieven beschikbaar. Geef de leaserijder bijvoorbeeld een NS-Business Card die hij ook mag gebruiken.

Zo ontdekt de leaserijder vanzelf dat reizen met het openbaar vervoer soms veel praktischer is en zal hij de auto vaker laten staan. Temeer omdat je met deze mobiliteitskaart ook een
P+R-plek, OV-fiets, taxi of Greenwheelsauto afrekent. Zo kun je zonder gedoe van deur tot deur reizen.

#3. Start een bewustwordingscampagne

Vergezel de invoering van een mobiliteitsplan met een bewustwordingscampagne, adviseert Romijn uit ervaring. “Je moet intern goed uitleggen waarom je zaken wilt veranderen. Bijvoorbeeld omdat grotere bedrijven, jullie klanten, steeds meer ketengericht denken en van hun leveranciers eisen dat ze ook duurzaam werken.”

In deze fase is het verstandig om ook een concrete doelstelling vast te leggen. Volgens Romijn is CO2-reductie een goed begin, ook al dek je daarmee lang niet alle broeikasgassen af. Andere goed meetbare doelstelling zijn de reiskosten. Deze doelstellingen kun je intern goed gebruiken om de voortgang te bespreken.

#4. Kies voor een gefaseerde invoering

Rol nu gefaseerd het mobiliteitsplan uit. Begin met een select groepje, en zorg dat die groep werknemers als ambassadeurs fungeren. Denk aan de verstokte leaserijder die dankzij de NS-Business Card nu veel vaker met het OV komt en de werknemer die vanaf een stad verderop nu regelmatig met de elektrische fiets naar het werk komt.

Als baas van de toko hoor jij uiteraard ook bij dit selecte groepje. Romijn: “Het is essentieel dat het management het goede voorbeeld geeft en ook vaker het OV gebruikt of de fiets pakt. Ik hoor zo vaak van ondernemers dat ze dit jaren eerder hadden moeten doen. Het reizen met de trein is echt relaxt en het levert je concreet extra werktijd op.”

#5. Schreeuw het van de daken

Als het mobiliteitsplan eenmaal onderdeel van je bedrijfsvoering is geworden, mag je dat best van de daken schreeuwen. Zet je doelstellingen op je bedrijfswebsite en laat klanten zien dat je actief bezig bent met duurzaamheid.  

Romijn: “Dat klinkt als een marketingtrucje, maar mijn ervaring is dat bijna iedereen wordt gegrepen door zo’n project. Het gebeurt vaak dat de medewerkers met nieuwe besparings-ideeën komen of alweer een stapje verder willen. Laat dat enthousiasme op je onderneming stralen.”

#6. Controleer en stuur bij

Aan de hand van de nulmeting, het mobiliteitsplan en de doelstellingen kun je meten of je op schema zit en blijft. Heb vooral niet te veel haast, tempert Romijn het enthousiasme, want bijvoorbeeld het afbouwen van leasecontracten vergt tijd.

Bovendien moet de praktijk uitwijzen of alles wel werkt zoals je hebt bedacht. “Onze eigen adviseurs reizen per trein, maar als je ergens bij een vakantiepark of een afgelegen industrieterrein moet zijn, pakken we de auto omdat die op dat moment gewoon efficiënter is. Het moet allemaal wel werkbaar blijven.”

Lees ook: